HANDLEIDING Achter-het-oor (AHO) modellen: Standaard geluidsslang ThinTube geluidsslang 400037002-NL-12.02-Rev.A.
INLEIDING Gefeliciteerd met de aankoop van uw nieuwe hoortoestel van ReSound. Geniet van de innovatieve geluidstechnologie en het design van ReSound. De door uw audicien aangepaste instellingen zorgen voor een uitstekende geluidskwaliteit in uw gezinsleven, uw sociale leven en op uw werk. Uw hoortoestellen stellen uw in staat om weer geluiden te horen die u door uw gehoorverlies al jaren niet meer gehoord heeft. Oefening en een positieve houding zijn belangrijk bij het leren omgaan met uw hoortoestellen.
Gebruiksbestemming Hoortoestellen zijn bestemd voor slechthorenden om hun gehoor te verbeteren. De essentiële taak van hoortoestellen is om geluid te ontvangen, te versterken en door te geven aan het trommelvlies van een slechthorende. Model hoortoestel: Model Batterijtype Slangtype: Serienummer links: VE60 312 VE70 13 VE80 13 Maat oortip: Serienummer rechts: 3 400037002-NL-12.02-Rev.A.
Symbolen WAARSCHUWING wijst op een situatie die kan leiden tot ernstige verwondingen. VOORZORGSMAATREGELEN wijst op een situatie die kan leiden tot kleine verwondingen. Adviezen en tips over optimaal gebruik van uw hoortoestel Inhoud Inleiding . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 2 Beschrijving van het hoortoestel . . . . . . . . 6 Van start . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8 Aan/Uit-functie . . . . . . . .
Programmaknopje (optioneel) . . . . . . . . . Telefoongebruik . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Luisterspoel (optioneel) . . . . . . . . . . . . . . PhoneNow . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Ringleidingsystemen . . . . . . . . . . . . . . . . Direct Audio Input . . . . . . . . . . . . . . . . . . Aansluiten/loskoppelen van audioschoen Onderhoud en zorg . . . . . . . . . . . . . .
Beschrijving van het hoortoestel VE360-DI VE370-DVI, VE270-DVI, VE170-VI VE380-DVI, VE280-DVI, VE180-VI 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. Programmaknopje Batterijlade & Aan/uit-schakelaar Geluidsuitgang Microfooningang voor Microfooningang achter Volumeregeling Direct audio input Indicatie links/rechts (Links=blauw/ Rechts=rood) Vergrendeling batterijlade Model Productnaam Serienummer Batterijlade 6 400037002-NL-12.02-Rev.A.
5 4 4 3 1 11 6 10 12 7 2 8/9 13 7 400037002-NL-12.02-Rev.A.
Van Start Aan/uit-functie 1. Wanneer de batterijlade geheel gesloten wordt, gaat het hoortoestel aan en wordt het standaardprogramma geactiveerd. 2. Open de batterijlade om het toestel uit te schakelen. Veel mensen gebruiken hun vingernagel om hem open te trekken. Aan TIP: als de hoortoestellen niet in gebruik zijn, zet ze dan uit met de batterijlade volledig open en beperk zo het batterijverbruik. SmartStart Zet uw toestel pas aan als u het in het oor hebt geplaatst.
gaat dan pas 10 seconden na het sluiten van de batterijlade echt aan. Dit reduceert het risico op fluiten van het hoortoestel als u ze indoet. In de tussentijd hoort u iedere seconde een toontje. Plaatsen/vervangen van de batterij 1. Open de batterijlade met behulp van uw vingernagel. 2. Verwijder de oude batterij. Gebruik een magneet om de batterij makkelijk uit de lade te krijgen. Plaats de nieuwe batterij met de positieve pool naar de goede kant.
Waarschuwing lage batterijspanning Uw audicien kan uw hoortoestel zo inschakelen dat het een signaal afgeeft als de batterij bijna leeg is. Het hoortoestel geeft geluiden minder sterk door en speelt een melodietje als de spanning van de batterij te laag is. Dit herhaalt zich iedere 5 minuten totdat het toestel zich automatisch uitschakelt. Het is aan te raden extra batterijen op voorraad te hebben. Plaatsen / verwijderen van het toestel Plaatsen (op maat gemaakte oorstukjes) 1.
4. Beweeg het oorstukje naar boven en onderen en druk voorzichtig om te zorgen dat het goed in uw oor zit. U voelt vanzelf aan of het oorstukje op de juiste plaats zit. 5. Plaats het hoortoestel achter uw oor. Als alles goed zit zet u het hoortoestel aan door de batterijlade te sluiten. Door oefening zult u een manier ontdekken die u het meest gemakkelijk vindt. Als u het oorstukje correct hebt geplaatst, zit het stevig maar comfortabel in uw oor.
Plaatsen (Thintube en Eartip) 1. Hang het toestel over de bovenkant van het oor. Pak het slangetje beet bij de kromming en duw de Eartip in de gehoorgang. De EarTip moet ver genoeg in de gehoorgang worden geplaatst, zodat het slangetje dicht langs de zijkant van uw hoofd ligt. 2. Het is belangrijk dat de geluidsslang en de EarTip goed in uw gehoorgang passen. 3. Indien het oorstukje juist geplaatst is, ziet u de ThinTube niet meer uitsteken als u in de spiegel kijkt.
Verwijderen (op maat gemaakte oorstukjes) 1. Pak het oorstukje beet aan de achterzijde 2. Neem het oorstukje met een licht draaiende beweging uit de gehoorgang. 3. Als er een verwijderkoordje aan het oorstukje bevestigd is kunt u het oorstukje daaraan naar buiten trekken. Vraag advies aan uw audicien wanneer het verwijderen moeilijk gaat. Verwijderen (EarTips / oorstukjes met Thintubes) 1. Houd de ThinTube met duim en wijsvinger vast en trek het slangetje naar buiten. 2.
Bediening van het hoortoestel Volumeregelaar (alleen bij modellen 70 en 80) Het volumewieltje bevat de getallen 1 tot en met 4, waarbij 4 staat voor de maximale volumeinstelling. Tijdens het aanpassen van het instrument kiest uw audicien de optimale volume-instelling voor u. Let op de instellingen op dat specifieke niveau. Draai het wieltje, met het toestel in uw oor, omhoog, om het volume te verhogen. Draai het wieltje naar beneden om het volume te verlagen.
Programmaknopje Afhankelijk van uw ervaring met het gebruik van hoortoestellen, uw persoonlijke behoeftes en de verschillende luisteromgevingen waarin u zich bevindt heeft uw audicien wellicht meerdere programma’s in uw hoortoestel geprogrammeerd. Als extra programma’s geactiveerd zijn, kunt u hier lezen hoe ze werken. 1. Selecteer een volgend programma door de programmaknop 1x in te drukken. 2. U hoort één of meerdere tonen.
Programma Wanneer te gebruiken 1 2 3 4 16 400037002-NL-12.02-Rev.A.
Telefoongebruik Telefoneren terwijl u uw hoortoestel draagt vergt vaak enige oefening. De volgende adviezen kunnen helpen bij het voeren van een telefoongesprek. 1. Houd de telefoon vast zoals u dat gewend bent. 2. Houd de telefoon tegen de bovenzijde van uw oor (dicht bij de microfoon) 3. Indien er sprake is van fluittonen, kan het een aantal seconden duren voordat het hoortoestel zich automatisch aanpast. 4. De fluittoon kan ook verminderd worden door de telefoon iets verder van het oor af te houden. 5.
Luisterspoel (optioneel) Uw hoortoestel is voorzien van een inductie- ofwel luisterspoel die elektromagnetische golven van een voor hoortoestellen geschikte telefoon opvangt. Deze elektromagnetische golven worden dan omgezet in geluid. Een optioneel telefoonprogramma helpt u met het verstaan van de telefoon. Bij gebruik van dit programma dient u de hoorn van de telefoon wellicht iets te draaien om de beste ontvangst te krijgen.
Plaatsing van de PhoneNow-magneten Hoewel sommige telefoons een magnetisch veld produceren dat sterk genoeg is om de functie PhoneNow te activeren, is voor de meeste telefoons een extra magneet op de telefoon nodig. Om de PhoneNow-magneten correct te plaatsen, dient u: 1. De telefoonhoorn grondig te reinigen. 2. De telefoon verticaal te houden, net als tijdens het bellen 3.
Gebruik van PhoneNow Telefoons kunnen op een normale manier gebruikt worden. Een pieptoon geeft aan dat de functie PhoneNow uw hoortoestel automatisch naar het telefoonprogramma heeft geschakeld. In het begin moet u wellicht even uitvinden hoe u de telefoon moet houden om PhoneNow goed te laten functioneren én om goed te verstaan. Waarschuwingen PhoneNow 1. Houd magneten uit de buurt van huisdieren, kinderen en mensen met een verstandelijke beperking.
van de telefoon dan altijd minimaal 30cm van pacemakers, creditcards en andere voor magneetvelden gevoelige zaken. Voorzorgsmaatregelen PhoneNow 1. Grote vervorming tijdens het draaien van een nummer of tijdens het bellen kan betekenen dat de telefoon teveel beïnvloed wordt door de magneet. Om schade te voorkomen, moet u de magneet in een andere positie plaatsen. 2. Gebruik alleen de magneten die geleverd worden door GN ReSound.
ringleiding uitgeschakeld zijn of niet correct werken. Als er ergens geen ringleiding aanwezig is, probeer dan zoveel mogelijk vooraan te zitten en maak gebruik van de microfoonprogramma’s. Direct-Audio-Input Met het gebruik van Direct-Audio-Input (DAI) krijgt u een directe verbinding tussen hoortoestellen en apparaten als televisie, radio en afstandsmicrofoon. Dit verbetert voor sommige mensen het spraakverstaan.
aan de binnenzijde van het toestel geplaatst wordt. 2. Klik het audioschoentje vervolgens op het toestel. 3. Het audioschoentje is nu verbonden. Audioschoentje loskoppelen 1. Druk op het knopje aan de voorzijde van het audioschoentje. 2. Haal het audioschoentje voorzichtig van het hoortoestel 2 3 4 5 Onderhoud en zorg Uw hoortoestel is beschermd door NanoTech coating, een uiterst dun laagje beschermend en waterafstotend materiaal. 23 400037002-NL-12.02-Rev.A.
Volg onderstaande instructies om nog langer plezier te hebben van uw hoortoestellen. 1. Houd uw hoortoestel schoon en droog. Veeg de buitenkant na gebruik af met een zachte doek om vet of vocht te verwijderen. Gebruik geen water of vloeistoffen. Deze kunnen het hoortoestel beschadigen. 2. Dompel het toestel nooit onder in water of andere vloeistoffen, dit kan blijvende schade aan het hoortoestel veroorzaken. 3. Behandel uw hoortoestel met zorg en laat het niet op harde oppervlakken of vloeren vallen. 4.
de batterijlade open. U kunt uw toestel en batterij ook een nacht in een afgesloten doosje stoppen met een droogmiddel. Gebruik het toestel pas als het volledig droog is. Vraag uw audicien welk droogmiddel u het beste kunt gebruiken. 7. Draag uw toestellen niet tijdens het aanbrengen van cosmetica, zoals parfum of aftershave, haarlak en zonnebrandmiddel. Als dit in de toestellen terecht komt kunnen deze beschadigd raken. Dagelijks onderhoud Houd het hoortoestel schoon en droog.
2. Gebruik handwarm water om het oorstukje te ontvetten. 3. Maak het oorstukje en slangetje na het schoonmaken zorgvuldig droog met een blaasbalgje. Let op: het slangetje kan stijf of broos worden of verkleuren. Neem contact op met uw audicien om het te vervangen. Reinigen ThinTubes en EarTips 1. Haal het geluidsslangetje van het toestel voordat u het gaat schoonmaken door het linksom te draaien. 2. Veeg de slangetjes en de EarTips schoon met een vochtige doek. 3.
Vervangen EarTips Het is aan te raden uw audicien de oortipjes te laten vervangen, omdat een onjuiste plaatsing hiervan kan leiden tot verwondingen. Standaard EarTips 1. Duw de nieuwe EarTip over de randjes van de ThinTube. 2. Zorg dat de nieuwe EarTip correct en stevig 1 geplaatst is, voordat u hem in het oor plaatst. 2 TulipDome Eartips TulipDome EarTips worden op dezelfde manier bevestigd als standaard oortipjes, maar er zijn een paar extra handelingen nodig. nodig.
1. Duw met uw wijs-en middelvinger de ‘bladeren’ weg van de geluidsslang. Hierdoor buigt het grote ‘blad’ naar voren. 2. Vervolgens duwt u het terug bovenop het kleine ‘blaadje’. De TulipDome is nu gereed om geplaatst te worden. Temperatuurtest, transport en opslaginformatie GN ReSound hoortoestellen zijn onderworpen aan diverse temperatuur- en vochttesten tijdens verwarmingscycli tussen -25 en 70 graden celsius volgens interne en industriestandaards.
Algemene voorzorgsmaatregelen 1. Laat uw hoortoestel niet liggen in de zon, bij open vuur of in een hete, geparkeerde auto. 2. Draag uw hoortoestel niet tijdens het douchen, zwemmen, bij zware regen of in een vochtige omgeving, bijvoorbeeld in een stoombad of sauna. 3. Als uw hoortoestel vochtig is geworden plaatst u het in een droogdoosje met een droogmiddel. Uw audicien kan u verschillende droogsystemen adviseren. 4.
Algemene waarschuwingen 1. Raadpleeg uw audicien als u een vreemd voorwerp in uw gehoorgang aantreft, als u huidirritatie ondervindt of als u last heeft van overmatig oorsmeer bij het dragen van uw hoortoestel. 2. Verschillende soorten straling, bijvoorbeeld van NMR-, MRI- of CT-scanners kunnen schade veroorzaken aan uw hoortoestel. Draag uw hoortoestel daarom niet tijdens deze of soortgelijke scanprocedures. Andere soorten scanners (inbraakalarm, bewegingsmelders, radioapparatuur, mobiele telefoons, etc.
5. Bij kinderen en mensen met een beperking moet altijd worden toegezien op een correct gebruik. Het toestel bevat kleine onderdelen die verstikkingsgevaar kunnen opleveren. Let erop dat u kinderen niet zonder toezicht achterlaat met het hoortoestel. 6. Hoortoestellen mogen alleen gebruikt worden zoals ingesteld door uw audicien. Gebruik met sterk afwijkende instellingen kan mogelijk tot extra gehoorverlies leiden. 7.
Batterijwaarschuwing 1. Batterijen kunnen schadelijk zijn als ze worden ingeslikt. Indien ze ingeslikt worden, zoek dan direct medische hulp. 2. Houd batterijen buiten bereik van huisdieren, kinderen en mensen met een verstandelijke beperking. 3. Verwijder de batterijen als u het hoortoestel een langere periode niet gebruikt. Zo voorkomt u lekkage. 4. Probeer standaard Zink-lucht batterijen NIET opnieuw op te laden. Ze kunnen gaan lekken en exploderen. 5. Verwijder batterijen NIET door ze te verbranden. 6.
400037002-NL-12.02-Rev.A.
OPLOSSEN VAN PROBLEMEN SYMPTOOM Geen geluid OORZAAK • Toestel is uitgeschakeld • Lege batterij • Batterijlade sluit niet • Verstopt oorstukje of slangetje 34 400037002-NL-12.02-Rev.A.
MOGELIJKE OPLOSSING • Schakel het toestel in door de batterijlade te sluiten • Batterij vervangen • Batterij op de juiste wijze plaatsen • Oorstukje of slangetje reinigen 35 400037002-NL-12.02-Rev.A.
OPLOSSEN VAN PROBLEMEN SYMPTOOM OORZAAK Niet hard • Los oorstukje of niet goed geplaatst genoeg • Verstopt oorstukje of EarTip • Verstopte geluidsuitgang • Verandering in gehoor • Overmatig oorsmeer • Volume te laag ingesteld 36 400037002-NL-12.02-Rev.A.
MOGELIJKE OPLOSSING • Opnieuw plaatsen of raadpleeg uw audicien • Reinig oorstukje, reinig of vervang EarTip, vervang filter • Vervang het cerumenfilter of raadpleeg uw audicien • Neem contact op met uw audicien • Raadpleeg uw arts • Volume verhogen of raadpleeg uw audicien 37 400037002-NL-12.02-Rev.A.
OPLOSSEN VAN PROBLEMEN SYMPTOOM Fluittonen OORZAAK • Hoortoestel onjuist geplaatst • EarTip zit niet goed • Overmatig oorsmeer • DFS kalibratie niet goed • Slangetje naar oorstukje versleten of beschadigd • ThinTube zit los • Hoortoestel niet optimaal ingesteld 38 400037002-NL-12.02-Rev.A.
MOGELIJKE OPLOSSING • Oorstukje voorzichtig opnieuw plaatsen • EarTip opnieuw plaatsen • Neem contact op met uw audicien • Neem contact op met uw audicien • Neem contact op met uw audicien • Vervang ThinTube of neem contact op met uw audicien • Neem contact op met uw audicien 39 400037002-NL-12.02-Rev.A.
OPLOSSEN VAN PROBLEMEN SYMPTOOM OORZAAK Geluid is vervormd/ • Lege batterij niet helder genoeg • Slecht passend oorstukje of EarTip niet helder • Hoortoestel beschadigd • Hoortoestel niet optimaal ingesteld Raadpleeg uw audicien bij andere problemen. 40 400037002-NL-12.02-Rev.A.
MOGELIJKE OPLOSSING • Batterij vervangen • Neem contact op met uw audicien • Neem contact op met uw audicien • Neem contact op met uw audicien 41 400037002-NL-12.02-Rev.A.
Technische gegevens Hoortoestel model Maximale output (2cc Coupler / IEC 60118-7) Standaard geluidsslang VE360-DI VE370-DVI, VE270-DVI, VE170-VI VE380-DVI, VE280-DVI, VE180-VI 123 dB SPL 128 dB SPL 136 dB SPL ThinTube VE360-DI VE370-DVI, VE270-DVI, VE170-VI 125 dB SPL 126 dB SPL 42 400037002-NL-12.02-Rev.A.
Garantie en reparaties ReSound verleent op alle digitale hoortoestellen een garantie in het geval van fouten in vakmanschap of materialen, zoals beschreven in de betreffende garantiebepalingen. In haar servicebeleid belooft ReSound een functionaliteit te garanderen die op zijn minst equivalent is aan die van het orginele hoortoestel.
400037002-NL-12.02-Rev.A.
400037002-NL-12.02-Rev.A.
400037002-NL-12.02-Rev.A.
Gooi uw oude hoortoestel niet zomaar weg. Raadpleeg hiervoor uw audicien. 47 400037002-NL-12.02-Rev.A.
Nederland GN ReSound bv Postbus 85 6930 AB Westervoort Tel.: +31 26 3195 000 Fax: +31 26 3195 001 info@gnresound.nl www.resound.nl 400037002-NL-12.02-Rev.A Internationaal Hoofdkantoor GN ReSound A/S Lautrupbjerg 7 DK-2750 Ballerup Denmark Tel.: +45 45 75 11 11 Fax: +45 45 75 11 19 www.resound.com België GN Hearing Benelux BV Tel: +32 (0)2 513 55 91 Fax: +32 (0)2 502 04 09 info@gnresound.