User manual
72
De volgende tabel geeft de resultaten van de instellingen van de afzonderlijke DMX-kanalen.
DMX-kanaal DMX-waarde Functie
1 000-009 geen mist
010-255 Mistuitstoot
2 000 Licht uit
001-255 Helderheidsinstelling donker > helder
3 000-020 Helderheidsregeling met kanaal 5, 6, 7
021-127 vaste kleurinstellingen
128-255 Kleurwisseling langzaam > snel
4 000-009 Strobe-eect uit
010-255 Strobe-eect langzaam > snel
5 000 Licht uit
001-255 Helderheid rood donker > helder
6 000 Licht uit
001-255 Helderheid barnstein donker > helder
7 000 Licht uit
001-255 Helderheid blauw donker > helder
Let er op dat de tank tijdens het nevelen nooit leeg raakt. Indien zulks toch zou gebeuren de
mistmachine onmiddellijk uitschakelen met de netschakelaar (1) en haar laten afkoelen.
Vul de tank na het afkoelen opnieuw.
Als er geen nevel uittreedt, dan warmt het apparaat nog op, of is de opwarmfase nog niet af
-
gesloten (het scherm (2) toont UP en de indicator-LED‘s aan de kabel-afstandsbediening lichten
niet op).
Een licht nanevelen na het uitschakelen/loskoppelen van het apparaat is normaal, en wijst niet
op een defect.
Trek als u het apparaat niet meer nodig heeft de stekker uit het stopcontact en laat het apparaat
afkoelen.
Ledig daarna de tank, als u het apparaat langere tijd niet gebruikt. Hierdoor wordt een uitlopen
van de mistvloeistof tijdens het transport of de opslag vermeden.