REMKO RVT RVT 261DC, RVT 351DC, RVT 521DC Inverter wandairconditioning in split-uitvoering Bediening · Techniek · Reserveonderdelen Versie NL – T10
Inhoud Veiligheidsaanwijzingen 4 Milieubescherming en recycling 4 Garantie 4 Transport en verpakking 5 Beschrijving van het apparaat 5 Bediening Uit bedrijf nemen 6-12 13 Verzorging en onderhoud 13-14 Verhelpen van storingen en service 15-16 Montageaanwijzingen voor vakpersoneel 16-19 Installeren 19-21 Controle op lekkages 21 Condensaansluiting 22 Elektrische aansluiting Elektrisch aansluitschema Elektrisch schema 22-23 23 24-25 Vóór het in bedrijf nemen 26 Koudemiddel bijvullen
REMKO RVT...DC Veiligheidsaanwijzingen Lees voor u het apparaat voor de eerst in gebruikt neemt de gebruiks-handleiding aandachtig door. Deze bevat nuttige tips, aanwijzingen en waarschuwingen voor de veiligheid van personen en goederen . Het niet opvolgen van de gebruikshandleiding kan gevaar voor personen, het milieu, de installatie en tot het verlies van mogelijke aansprakelijkheid leiden. ■ Bewaar deze gebruikshandleiding en het koudemiddeldatablad in de buurt van het apparaat.
Transport en verpakking De apparaten worden in een stevige transportverpakking geleverd. Controleer het apparaat direct bij de levering en noteer eventuele schade of ontbrekende onderdelen op de pakbon en informeer de transporteur en uw leverancier. Bij klachten achteraf wordt geen garantie verleend.
REMKO RVT...DC Bediening De binnenunit kan comfortabel bediend worden met de meegeleverde infrarood afstandsbediening. Een correcte gegevensoverdracht wordt door de binnenunit met een pieptoon bevestigd. Als het programmeren via de infrarood afstandsbediening niet mogelijk is, kan de binnenunit ook handmatig bediend worden. Handbediening Display op de binnenunit De binnenunit kan handmatig in gebruik worden genomen.
Toetsen op de afstandsbediening Toetsen op de afstandsbediening Toets "ON/OFF" Met deze toets kunt u het apparaat in gebruik nemen Toets "MODE" Met deze toets kunt u de bedrijfsmodus selecteren. De binnenunit heeft 5 modi: Toets "FAN" Met deze toets wordt het gewenste ventilatortoerental ingesteld. Er zijn 4 niveau's beschikbaar: automatisch, hoge, midden en lage ventilatorsnelheid. 2. Koelmodus In deze modus wordt de warme ruimtelucht naar de gewenste temperatuur afgekoeld.
REMKO RVT...DC Toetsfuncties De overdracht van de instellingen wordt door een symbool op het display aangegeven. Door het bedienen van de ON / OFF- toets schakelt u uw airconditioning aan en uit. Op het display verschijnen de vóór het uitschakelen van het apparaat geprogrammeerde instellingen en instelwaarden. ON/OFF Toets ON/OFF ON/OFF Auto SET TEMP SET TEMP SET TEMP De toetsen p/q maken het mogelijk de insteltemperatuur te verlagen en te verhogen. pq Toetsen Turbo Turbo ON Hr.
In de koelmodus wordt de lucht in de ruimte tot de insteltemperatuur afgekoeld. De gewenste ruimtetemperatuur kan met de toetsen ▲/▼ in stappen van 1 °C ingesteld worden. Ligt de temperatuur in de ruimte 1 °C boven de gekozen insteltemperatuur, begint de binnenunit met afkoelen van de lucht in de ruimte. De inverter-regeling controleert het verschil tussen de insteltemperatuur en de ruimtetemperatuur. Bij een groot verschil wordt een hoge koelcapaciteit tot stand gebracht.
REMKO RVT...DC Modus VERWARMEN SET TEMP Turbo In de modus verwarmen hebt u de mogelijkheid de ruimte in de herfst en de lente te verwarmen. De gewenste ruimtetemperatuur kan met de ▲/▼ toetsenstappen van 1 °C ingesteld worden. Komt de temperatuur in de kamer 1 °C onder de insteltemperatuur, begint de binnenunit met het verwarmen van ruimtelucht. De inverter-regeling controleert het verschil tussen de insteltemperatuur en de ruimtetemperatuur.
In de modus ventileren circuleert de lucht in de kamer alleen. De temperatuur in de ruimte kan in deze modus niet worden veranderd. Het koel- of verwarmingsbedrijf zijn niet ingeschakeld. Modus CIRCULATIE Auto SET TEMP MODE FAN CIRCULATIE SET TEMP SET TEMP Turbo SET TEMP Turbo ON TIMER Hr. Auto ON TIMER Met deze toets wordt het ventilatorsnelheid ingesteld. Er kan worden gekozen tussen een laag, midden en eenHr.automatisch ventilatortoerental. FAN Toets Turbo Off TIMER Hr.
Auto REMKO RVT...DC SET TEMP TIMER Toetsen • TIMER-ON / OFF Turbo ON TIMER Met deze toetsen kan een in- resp. uitschakeltijd geprogrammeerd worden. Door het indrukken van de Timer on toets resp. Timer off toets wordt de timer ingeschakeld. Het kloksymbool ON TIMER resp. OFF TIMER verschijnt. Door het indrukken van de Timer on toets resp.
Uit bedrijf nemen Verzorging en onderhoud Tijdelijk uit bedrijf nemen Regelmatige verzorging en onderhoud garanderen een storingsvrij gebruik en een lange levensduur van de apparaten. Vóór alle werkzaamheden aan de apparaten moet de netvoeding uitgeschakeld en beveiligd worden tegen onbevoegd herinschakelen! 3. Schakel de stroomtoevoer van het apparaat uit. Verzorging 4. Dek het apparaat indien mogelijk af met een kunststoffolie om deze tegen weersinvloeden te beschermen.
REMKO RVT...DC Reiniging van de behuizing van de binnenunit 1. Schakel de stroomtoevoer naar het apparaat uit. 2. Open het aanzuigrooster van de afdekking en klap deze naar boven. 3. Reinig het rooster en de afdekking met een licht bevochtigde doek. 4. Schakel de stroomtoevoer weer in. Luchtfilter van de binnenunit Reinig het luchtfilter minimaal eens per 2 weken. Verkort deze periode bij sterk vervuilde lucht. 5.
Verhelpen van storingen en service De apparaten en componenten worden volgens de modernste productiemethoden geproduceerd en meerdere keren op foutloze werking gecontroleerd. Als er desondanks toch storingen optreden, controleer dan de werking volgens de onderstaande lijst.
REMKO RVT...
Wanddoorvoeren Keuze van de installatielocatie Wind ■ Per wandunit moet één opening in de wand van min. 70 mm diameter en één van 10 mm, oplopend van binnen naar buiten gemaakt worden. Binnenunit Als het apparaat op een winderige plaats wordt geïnstalleerd, let er dan op dat uitstromende warme lucht met de hoofdwindrichting mee afgevoerd wordt. Als dit niet mogelijk is moeten er bouwkundige voorzieningen worden aangebracht ter bescherming tegen wind.
REMKO RVT...DC Opstelling binnen een gebouw ■ Zorg voor voldoende warmteafvoer als het apparaat in een kelder, op het dak, in een aangrenzende ruimte of in hallen wordt geplaatst (afbeelding 4). ■ Installeer een extra ventilator met hetzelfde luchtdebiet als het in die ruimte op te stellen buitendeel en eventuele drukverliezen in de luchtkanalen kan compenseren (afbeelding 4).
Installeren Maatregelen olieterugvoer Als de buitenunit hoger dan de binnenunit wordt geplaatst, moeten geschikte maatregelen voor het terugvoeren van de olie worden getroffen. Dit gebeurt meestal door het vervaardigen van een olie-elleboog, die moet worden geïnstalleerd per 2,5 meter stijging. max.
REMKO RVT...DC Aansluiten van de koudemiddelleidingen Het aansluiten van de koudemiddelleidingen gebeurt aan de achterzijde van de apparaten. Eventueel moet op de binnenunit een verloopnippel naar een grotere of kleinere diameter worden geïnstalleerd. Deze verloopnippels worden standaard meegeleverd met de binnenunit. Na de montage moeten de verbindingen dampdiffusiedicht worden geïsoleerd. LET OP! De apparaten zijn vanuit de fabriek gevuld met gedroogde stikstof voor controle op lekkages.
Controle op lekkages 12. Zorg ervoor dat er geen contactgeluiden worden overgedragen aan delen van het gebouw. Contactgeluiden kunnen door trillingsdempers worden verminderd! 13. Bewerk de koudemiddelleidingen bij de buitenunit, zoals eerder beschreven. Aanvullende aanwijzingen voor installeren ■ ■ Bij het combineren van de buitenunit met meerdere binnenunits kan de procedure voor het aansluiten van de koudemiddelleidingen afwijken. Monteer in dat geval de meegeleverde verloopnippels resp.
REMKO RVT...DC Condensaansluiting Door het onderschrijden van het dauwpunt ontstaat er bij de verdamper tijdens koelbedrijf en bij de condensor tijdens verwarmingsbedrijf condens. Onder de verdamper bevindt zich een opvangbak, die verbonden moet worden met een afvoer. Het onderste deel van de behuizing van de buitenunit is uitgevoerd als opvangbak. Hiervoor moet de meegeleverde condensaansluiting worden gebruikt. De lokale condensafvoer moet worden uitgevoerd met een verval van minimaal 2 % (afbeelding 10).
LET OP! Wordt bij het apparaat een als accessoire verkrijgbare condenspomp gebruikt, is bij het gebruik van het uitschakelcontact van de pomp evt. een extra relais voor het verhogen van het schakelvermogen en het uitschakelen van de compressor noodzakelijk. ■ Aansluiting buitendeel Controleer of alle elektrische stekker- en klemverbindingen goed vastzitten en goed contact maken, eventueel aandraaien. 3. Sluit de leidingen aan op de klemmen volgens het aansluitschema. 6.
REMKO RVT...
M ~ Sensor Verdamper Condensorventilator Y/G Netaansluiting 230V / 1~ /50 Hz M Sensor Circulatie RVT 521DC IT Pendelmotor B A Optioneel 4 3 Display WeergaveEEPROM Y Y/G Transformator W B CN16 B R C Sensor SL RVT 521DC AT Sensor condensor Sensor luchtinlaat naar buitenunit Sensor OLP R C Sensor Verdamper Y/G CN15 CN14 Y B U V W Y/G CN5 CN4 CN7 Weergavedisplay A CN6 Zekering1A 250V RY3 Thermostaat 3 R S Carterverwarming L2 C 4 CN28 ~ Kleurmarkering A B C Y R
REMKO RVT...DC Vóór het Inbedrijfstelling Na succesvolle lek-test moet de vacuümpomp via het manometerstation op de klepaansluitingen van de buitenunit (zie hoofdstuk "Lektest") worden aangesloten en moet er een vacuüm tot stand worden gebracht.
van de temperatuur en trek de op de manometer afgelezen kookpunttemperatuur af van de gemeten temperatuur. ■ Noteer de gemeten temperaturen in het Inbedrijfstellingsrapport. Functietest van bedrijfsmodi koelen en verwarmen 1. Trek de afsluitdoppen van de kleppen. 2. Begin met de inbedrijfstelling, door het kort openen van de afsluiters van de buitenunit, tot de manometer een druk van ca. 2 bar aangeeft. 3. Controleer de lekdichtheid van alle gemaakte aansluitingen met lekzoekspray of geschikte apparatuur.
REMKO RVT...DC Afmetingen apparaat 290 RVT 521DC IT 280 RVT 261DC IT / RVT 351DC IT 215 815 245 915 RVT 261DC AT / RVT 351DC AT 270 590 760 290 530 RVT 521DC AT 305 695 845 320 570 Wijzigingen in de afmetingen en de constructie, door de technische doorontwikkeling, voorbehouden.
Apparaatafbeelding RVT 261DC IT tot RVT 521DC IT 8 9 7 4 11 6 3 1 5 10 12 2 Maat- en constructiewijzigingen, door technische doorontwikkeling, voorbehouden. Reserveonderdelenlijst Nr.
REMKO RVT...DC Apparaatafbeelding RVT 261-521 DC / AT 5 1 4 2 6 9 10 3 11 12 7 Maat- en constructiewijzigingen, door technische doorontwikkeling, voorbehouden. Reserveonderdelenlijst Nr.
Technische gegevens Serie RVT 261DC Werking RVT 351DC RVT 521DC Wand-airconditioningcombinatie voor koelen en verwarmen Nominale koelcapaciteit 1) Nominale verwarmingscapaciteit 2) kW 2,68 (0,82 tot 3,41) 3,56 (1,05 tot 4,53) 5,28 (1,66 tot 6,72) kW 2,96 (0,89 tot 3,64) 3,86 (1,14 tot 4,78) 5,42 (1,59 tot 6,80) A A A 4,25 3,91 3,34 Energie-efficiëntieklasse koelen 1) Energie-efficiëntieklasse EER 1) Energie-efficiëntieklasse verwarmen 2) Energie-efficiëntieklasse COP 2) Toepassings
REMKO IN HEEL EUROPA … en altijd dicht bij u in de buurt! Maak gebruik van onze ervaring en advies Advies Via onze intensieve training brengen we de vakkennis van onze adviseurs steeds op de nieuwste stand. Dat draagt bij tot onze reputatie meer te zijn dan een goede, betrouwbare leverancier: REMKO, een partner, die helpt bij het oplossen van problemen.