User manual
172
Nick- en rollfunctie
Wanneerudestuurknuppelvoordenick-enrollfunc-
tie (zie ook afbeelding 1, pos. 6) naar voor en achter
beweegt, moet de tuimelschijf (1) in overeenstemming
met de stuurknuppelbeweging eveneens naar voor en
achterkantelen(ziebovensteafbeeldinginguur15).
Wanneerudestuurknuppelvoordenick-enrollfunc-
tie naar rechts en links beweegt, moet de tuimelschijf
eveneens in overeenstemming met de stuurknuppel-
beweging naar rechts en links kantelen (zie onderste
afbeeldinginguur15).
Wanneerudetuimelschakelaarvoordetuimelschijfweg-
begrenzing (zie ook afbeelding 1, pos. 3) van voor uit de
stand „0“ naar achter in de stand „1“ omschakelt, wordt
de wegbegrenzing van de tuimelschijf 70% opgeheven.
De tuimelschijf reageert nu 100% van de stuurweg met
wezenlijk sterkte kantelbewegingen op de stuurbevelen
van de zender.
Voor de eerste testvluchten raden wij u aan om de tui-
melschakelaar naar voor in de stand „0“ te bewegen en
de wegbegrenzing opnieuw in te schakelen.
Wanneerudehelikoptermetdeverminderdetuimelschi-
jfbewegingen veilig beheerst, kunt u de wegbegrenzing
van de tuimelschijf uitschakelen en dan de volledige be-
weeglijkheid van de helikopter gebruiken.
Afbeelding 15










