Operation Manual

15.3Tracks
Eentrackiseenspoorophetschermwaarmeederoutedieu
hebtgenomenwordtweergegeven.Ditspoorbestaatuiteen
aantaltrackpuntendieautomatischwordengecreëerd.Ukunt
detrackopslaanomeenpermanentbestandtehebbenvan
waarugeweestbent
D11754-2
Mettrackskuntu:
Bekijkenwaarubentgeweest.
Eenroutemakenvaneentrack.
Eentrackcreëren
Doehetvolgendeinhetmenuvandekaarttoepassing:
1.SelecteerNavigatie.
2.SelecteerTrackstarten.
Hetpop-up-berichtTrackstartenwordtweergegeven.
3.SelecteerOK.
Tijdenshetnavigerenvanuwschipwordtuwroute
automatischvastgelegdineentrack.
Opmerking:Alsdestroomuitvaltterwijleentrackwordt
opgenomen,ofwanneerdepositie-xverlorengaat,ontstaat
eenonderbrekingindetrack.
Opmerking:Alshetmaximaleaantaltrackpuntenis
bereiktkrijgtueenwaarschuwing.Detrackwordtnog
steedsvastgelegd,maardeeerstetrackpuntenworden
overschreven.
4.OmuwtracktevoltooienselecteertuStopTrackinhet
menuNavigatie:Menu>Navigatie>StopTrack.
Hetpop-up-berichtTrackgestoptwordtweergegeven.
5.SelecteerOpslaan,WissenofAnnuleren.
Opslaandetrackwordtopgeslagenenhet
dialoogvenster'Trackeigenschappenbewerken'wordt
geopend.Daarkuntdetrackeennaamgeveneneen
kleurkiezenvoordetracklijn.
Wissendetrackwordtgewist.
Annulerendeactie'StopTrack'wordtgeannuleerd.
Trackinterval
Hettrackintervalspeciceertdeperiodeofdeafstandtussen
puntenvandetrack.
Ukunthetintervaltussentrackpuntenaanpassenenhet
intervaltype(bijv.afstandoftijd)selecteren,waardooruoptimaal
gebruikmaaktvandebeschikbareopslag.
Deinstellingenzijntoegankelijkviadeinstellingsoptiesvan
tracks.
Trackvastleggenopspeciceerthetintervaltype
(automatisch/tijd/afstand).
Track-intervalspeciceertdewaardevoorhetinterval
(bijv.15minuten).
Wanneerubijvoorbeeldeentrackmaaktvaneenlangereis,
kaneenopAutomatischingesteldeintervalervoorzorgendat
debeschikbareopslagruimtevoortrackpuntensnelvolraakt.
Indatgevalkuntueenhogerewaardeselecterenvoorhet
Track-interval,daardoorkrijgtuvoldoenderuimteomeenlanger
trackopteslaan.
Hettrackintervalinstellen
DoehetvolgendevanuithetmenuMijngegevensinde
Kaart-toepassingofinhetHome-venster:
1.SelecteerTracks.
2.SelecteerTrackinstellen.
3.SelecteerTracksvastleggenper:ensteldegewenste
waardein:
Automatisch—hettrackintervalwordtautomatisch
ingesteld(automatischminimaliseerthetaantal
trackpuntenterwijldecorrelatiewordtbehoudentussende
trackendewerkelijkeroute).
Tijd—detrackpuntenwordengeplaatstmetregelmatige
tussenpozen.
Afstand—detrackpuntenwordengeplaatstopregelmatige
afstanden.
4.SelecteerTrackintervalensteldegewenstewaardein:
Tijdseenheden(beschikbaarindien"trackvastleggenper"
isingesteldoptijd).
Afstandseenheden(beschikbaarindien"trackvastleggen
per"isingesteldopafstand).
NietbeschikbaarerisgeenTrackintervalbeschikbaar
indien"trackvastleggenper"isingesteldopautomatisch).
Eentrackbekijkenenbewerken
Ukuntaspectenvanopgeslagentracksbekijkenenbewerken.
Ukunt:
Eentrackwissen.
Eenroutemakenvaneentrack.
Eentrackweergevenofverbergenopdekaart(alleen
beschikbaarvanuitdekaarttoepassing).
Denaamvandetrackwijzigen.
Dekleurvandetrackwijzigen.
Routesentracksweergevenofverbergen
DoehetvolgendeindeKaart-toepassing:
1.SelecteerMenu.
2.SelecteerMijngegevens.
3.SelecteerRoutesofTracks.
4.SelecteerWeergeven/verbergen.
5.Selecteerderouteoftrackomteschakelentussen
WeergevenenVerbergen.
Eentrackselecterenomtebekijkenoftebewerken
1.Doeéénvandevolgendedingenomdegewenstetrackte
selecteren:
SelecteervanuitdeKaart-toepassingeentrackophet
schermomhettrack-contextmenuweertegeven.
GavanuitdeKaart-toepassingnaarhetvolgendemenu:
Menu>Mijngegevens>Tracks,enselecteerde
gewenstetrack.
VanuithetHome-vensterselecteertu:Mijngegevens>
Tracksenselecteertudegewenstetrackindelijst.
Ukuntnudoorgaanendegewenstetrackbekijkenofbewerken
metbehulpvandebeschikbareopties.
Eentrackhernoemen
Ukuntdenaamvaneenopgeslagentrackwijzigen.
Doehetvolgendewanneerdetracklijstwordtweergegeven.
1.Selecteerdetrackdieuwiltbewerken.
Depaginamettrackoptieswordtweergegeven.
2.SelecteerNaambewerken.
Hetschermtoetsenbordwordtweergegeven.
3.Gebruikhetschermtoetsenbordomdetracknaamtewijzigen.
4.WanneeruklaarbentselecteertuOPSLAAN.
Waypoints,RoutesenTracks
159