Operation Manual
2.SelecteerScheepsinstellingen.
3.SelecteerScheepsromptype.
4.Selecteerdeoptiediehetmeestlijktopuwscheepstype.
Denieuweselectiewordttoegepast.
Eentypeaandrijvingselecteren
Hetaandrijvingstypekanwordengeselecteerdvanuitde
dokpierwizardenookviahetscheepsinstellingenmenu
Instellingenstuurautomaat>Instellingenstuurautomaat>
Scheepstype>Aandrijvingstype.
DoehetvolgendewanneerhetmenuAandrijvingstypewordt
weergegeven:
1.Selecteeruwaandrijvingstypeindelijst.
Opmerking:Debeschikbareaandrijvingstypeszijn
onafhankelijkvanhetACU-type.Wanneeruwaandrijvingniet
indelijststaat,neemdancontactopmetuwRaymarine-dealer
vooradvies.
2.SelecteerOKomuwinstellingenopteslaanendevolgende
instellingenpaginaweertegeven.
Opmerking:Ukuntdedokpierwizardopiedermoment
annulerendoorSTAND-BYteselecteren.
Dekoersuitlijnen
Dekoersvandestuurautomaatkanwordenuitgelijndmet
dekompasvanhetschipmetbehulpvandeinstelling
Kompascorrectie.
Opmerking:Omdezeprocedureuittevoerendientueenvia
hetnetwerkaangeslotenapparaattehebben,bijvoorbeeld
eeninstrument,stuurautomaatbedieningofmultifunctioneel
display,omdehuidigestuurautomaatkoersophetscherm
weertegeven.
Verschillendefactorenkunnenverschillenveroorzakentussen
dekoersendegrondkoers(courseoverground,COG),u
dientdekoerszouittelijnen,dathetovereenkomstmethet
stuurkompasvanhetschip(ofeenbekendetransitpeiling).
150
o
155
o
5
1 2
D12928-1
1.Stuuruwschipineenbekendekoersencontroleerhet
stuurkompas.
2.Controleerdestuurautomaatkoersopuwmultifunctionele
display.
3.SelecteerInstellingenstuurautomaatindepagina
Instellingenstuurautomaat.
4.SelecteerScheepsinstellingen.
5.SelecteerKompascorrectie.
6.PasdeKompascorrectiezoaan,datdestuurautomaatkoers
overeenkomtmetdekoersvanhetstuurkompas.
Bijv.alsdekoersvanhetstuurkompas155°endekoersvan
destuurautomaat150°,betekenteenkompascorrectievan
5°datdekoersenvanhetstuurkompasendestuurautomaat
zijnuitgelijnd.
Dekompascorrectiewordtzonodigautomatischgewijzigd
wanneerdeprocedureKompasuitlijnenmetGPSwordt
uitgevoerd.
Aandrijvingsinstellingen
Deaandrijvingsinstellingenzijnontwikkeldvooroptimale
prestatiesvandeaandrijving.
Hetisbelangrijkdatudeaandrijvingsinstellingencontroleerten
zonodigaanpastaandehandvanuwaandrijving.
Deaandrijvingsinstellingenbevattendevolgendeinstellingen:
•*Roerdemping.
•AutoTurn.
•Stuurbekrachtiging.
•Omkerenroerstandindicator.
•Roercorrectie.
•Roerlimiet.
•Hardover-tijd.
Opmerking:*Deinstellingvoorroerdempingdientniette
wordenaangepastvoordatuadvieshebtingewonnenbijde
technischeondersteuningvanRaymarine.
DeAutoTurn-hoekinstellen
Ukuntdehoekwaarmeehetscheepdraaittijdenshetuitvoeren
vaneenAutoTurnspecicerenmetbehulpvaneenaangesloten
stuurautomaatbediening.
DoehetvolgendeindepaginaInstellingenstuurautomaat:
1.SelecteerInstellingenstuurautomaat.
2.SelecteerAandrijvingsinstellingen.
3.SelecteerAutoTurn.
4.SteldeAutoTurn-instellinginopdegewenstewaarde.
5.SelecteerTerugofOKomdeinstellingtebevestigen.
Stuurbekrachtiging
Alseropuwstuurautomaateenjoystickofeen
p70R-stuurautomaatbedieningisaangesloten,kuntude
gebruiksmodusdaarvanselecteren.Voormeerinformatiekuntu
dedocumentatieraadplegendieismeegeleverdmetuwjoystick
ofuwp70R.
Degebruiksmodizijndevolgende:
•Uit—joystickbedieningisuitgeschakeld.
•Proportioneel—deproportionelemoduspasthetroertoein
verhoudingmetdejoystickbeweging—hoemeerdejoystick
wordtverplaatst,hoemeerroererwordttoegepast.
•Bang-Bang—Debang-bang-moduspastcontinuroertoe
inderichtingvandejoystickbeweging,omdecontrolete
verbeterenverandertdesnelheidvanderoerbewegingmet
dehoekvandejoystick.Voormaximalesnelheidduwtude
joystickhelemaaltotheteinde.Alsudejoystickterugbrengt
naardemiddenpositie,blijfthetroerindehuidigepositie.
Deroerstandfaseomkeren
Opschependiezijnuitgerustmeteenroerstandtransducerkunt
u,wanneerderoerbalkindeverkeerderichtingbeweegt,dit
corrigerendoordefasevanderoerstandomtekeren.
Opmerking:Dezeprocedureisnietnodigvoorschepen
zondereenroerstandtransducer.
DoehetvolgendeindepaginaInstellingenstuurautomaat:
1.SelecteerInstellingenstuurautomaat.
2.SelecteerAandrijvingsinstellingen.
3.SelecteerOmkerenroerstandindicatoe.
WanneeruOmkerenroerstandindicatorselecteert,wordt
heenenweergeschakeldtussenAanenUit.
Deroercorrectieinstellen
Opschependiezijnuitgerustmeteenroerstandtransducerkunt
uwanneernodigeencorrectieinstellenvoormiddenpositievan
hetroer.
Opmerking:Dezeprocedureisnietnodigvoorschepen
zondereenroerstandtransducer.
116aSeries/cSeries/eSeries










