Operation Manual
Ravensburger Spelen
No. 602 5 000 6
Ontwerp:
Hermann Wernhard
Een spellenmagazijn
voor kinderen
van3-6jaar
lnhoud:
2 tweezijdig bedrukte speelborden
20
gekleurde
bloemvormen
24 kaartjes met
plaatjes
6
pionnen
1 kleurendobbelsteen
Deze
spellenverzameling
is samenge-
steld
voor kinderen,
die nog
niet kun-
nen lezen.
16
Spelregels
Vogelspel
Een
spel
met
de kleurendobbelsteen
voar
2-4
kinderen
vanat
4
jaar
Speelmateriaal:
1
speelbord
20
bloemenvormen
1
kleurendobbelsteen
Voorbereiding:
iedere
speler
kiest
een
bloemenperk.
De
bloemvormen
worden
in
de
doosdeksel
gelegd.
Hoe
gespeeld
wordt:
om
beurten
wordt
met
de
kleurendobbelsteen
gegooid.
Een
bloemvorm,
die in
kleur
overeen-
komt
met
de
gegooide
kleur
met
de
dobbelsteen,
mag
gepakt
worden
en
in
het
eigen
bloemenperk
gelegd
wor-
den.
Als
die
bloem
al
belegd
is,
mag
geen
andere
bloemenvorm
genomen
worden
en
is
de volgende
speler
aan
de
beurt.
Wie
groen
heeÍt
pech.
Er valt
niets
te
pakken.
Einde
van
het
spel:
wie
als
eerste
zijn
hele
bloemenperk
vol
heeft,
is winnaar.
Met deze spellen
kunnen kleuters het
principe
van
het
samen
spelen
gemak-
kelijk leren,
omdat de spelregels een-
voudig zijn, de spellen
maar kort duren
en toch vrolijk en spannend
zijn. ZelÍs
voor
driejarigen is
het mogelijk om
van
oudere
kinderen te winnen omdat
ze zich alleen maar
hoeven te oriën-
teren
aan
kleuren en beeldmotiven.
De
,,4
eerste spellen" hebben
4 ver-
schillende speelborden,
waarmee en
klimmende moeilijkheidsgraad
van
de
spellen
gegeven
is.
Het
eenvoudigste is het
Vogelspel
Bij
dit spel
moet iedere
speler
zijn
eigen
rechte weg
aÍleggen. Overeen-
komstig de kleur, die met de dobbel-
steen
gegooid
wordt,
mag er
voor-
waarts worden
gezet.
Wie
als
eerste
het nest bereikt, heeft
gewonnen.
Mis-
schien
heeÍt iemand
daar een
prijsje
ingelegd!
Dit spel heeÍt, rekeninghou-
dend met 3jarigen, een bijzonder korte
speelduur.
Bíj het
Bloemenspel
heeft ieder kind
zijn
eigen
bloemperk.
Het
gaat
er om
met de dobbelsteenkleuren
die men
gooit,
de
passende
bloemvormen te
kiezen. Voor
grotere
kinderen
kan
dit
spel met de spelregel van
,,gelukspot"
tot
een
vrolijk roversspel aangevuld
worden.
Bij het
spel
met het kasteel moeten
alle kinderen een
gemeenschappe-
lijke,
slingerende
weg
in de
vorm van
een slakkenhuis afleggen. Dat brengt
al aardig
wat
problemen
met zich mee.
Hoe
gemakkelijk
schuiven kinderen
niet op het
aangrenzende
veld, naar
binnen
oÍ naar buiten, op de cirkel in
plaats
van
op de
goede
weg te blijven.
Bovendien heeÍt
dit spel
12 kanskaart-
jes,
waardoor men zowel voor- als
achteruit
gestuurd
kan
worden. Bij dit
spel kan men
er ook
afgeworpen wor-
den.
Het
Worsthappen is het moeilijkste.
De
spelers mogen, af hankelijk
van de
spelsituatie, hun
pion
alle
kanten op
laten
gaan.
Bovendien mag er aÍge-
worpen worden.
Wie
handig
speelt
en
het
geluk
van de dobbelsteen mee
heeÍt,
kan de meeste worstkaartjes
te
pakken
krijgen en
is
dus winnaar.
aaoooooooaooo
Roven:
gooit
een
speler
weer
blauw
(zijn
eigen
blauwe
bloem
in
zjin
perk
moet
al
belegd
zijn)
en vindt
hij in
de
doosdeksel
geen
blauwe
bloem
meer,
dan
mag
hije
en
openliggende
blauwe
bloem
van
een
andere
speler
roven.
Hetzelfde
geldt
voor
alle
kleuren,
met
uitzondering
van
groen.
Uit
de
perken
mag
niet
gerooÍd
wor-
den.
Wie
groen
gooit,
krijgt
3 fiches
uit
de
gelukspot.
Einde
van
het
spel:
wie
als eerste
zijn
bloemenperk
vol
heeÍt,
krijgt
nog
i0
Íiches
uit
de
gelukspot.
De
fiches
van
alle
andere
spelers
worden
als
plus-
punten
geteld.
Winnaar
is
degene,
die na
een
aantal
vooraf
overeengekomen
ronden,
de
meeste
punten
heeft.
Het
spel
met
de
gelukspot
Voorbereiding:
men
kan
het
bloemen-
spel
ook
uitbreiden
en
om
winst
spe_
len.
Voordat
het
spel
begint,
wordt
er
een
,,gelukspot" opgezocht
en
met
,,Íiches"
gevuld.
Dat
kunnen
bonen,
knopen,
speelgeld
of
snoepjes
zijn.
Uit
deze
gelukspot
ontvangt
iedere
speler
'10
Íiches.
Nu
wordt
er om
beurten
met
de
dobbelsteen
gegooid.
Een
bloem-
vorm,
die,in kleur
overeenkomt
met
de
gegooide
kleur
op
de
dobbelsteen,
mag
gepakt
worden
en in
het
eigen
bloemenperk
afgelegd
worden.
Gooit
een
speler
ín
de loop
van
het
spel
b. v. voor
de tweede
keer
blauw,
dan
mag
hij
nog
een
blauwe
bloem-
vorrn
uit
de
doosdeksel
nemen
en
die
voor
zich
neerleggen
(hetzelÍde
geldt
voor
alle
andere
kleuren,
behalve
groen).
Vindt
in
het verdere
verloop
van
het
spel
een
andere
speler
geen
bloem-
vorm
voor
zijn
eigen
bloemenperk
meer
ni
de
voorraad,
dan
moet
hij
er
een
die
open
ligtbij
een
van
de andere
spelers
met
een Íiche
kopen.
17


