Operation Manual
nl-59
BEDIENING 7
7.2 BEDIENERSAANWEZIGHEIDSCONTROLE EN
VEILIGHEIDSVERGRENDELINGSSYSTEEM________________________________
1. Het OPC/veiligheidsvergrendelingssysteem voorkomt het starten van de motor tenzij de parkeerrem is
ingeschakeld en het maaimechanisme is uitgeschakeld. Dit systeem zet de motor stil als de bediener
de bestuurderszetel verlaat zonder dat de parkeerrem is ingeschakeld. Als de bediener de
bestuurderszetel verlaat terwijl het maaimechanisme is ingeschakeld en de parkeerrem aan is zal het
maaimechanisme stoppen.
2. Voer alle onderstaande tests uit om te verzekeren dat het OPC/ veiligheidsvergrendelingssysteem
goed functioneert. Stop met testen en laat het systeem inspecteren en repareren zodra een van deze
tests faalt zoals navolgend aangegeven:
• De motor start niet tijdens test 1;
• De motor start tijdens test 2.
• De motor blijft draaien tijdens test 3.
3. Raadpleeg onderstaande tabel bij iedere test en volg de () vinkjes in de tabel. Tussen elke test moet
de motor worden uitgeschakeld.
Test 1: Vertegenwoordigt de normale startprocedure. De bediener zit op de bestuurderszetel, de
parkeerrem is ingeschakeld, de voeten van de bediener bevinden zich niet op de pedalen en het
maaimechanisme is uitgeschakeld. De motor moet starten.
Test 2: De motor mag niet starten als het maaimechanisme is ingeschakeld.
Test 3: Start de motor op de normale manier, schakel het maaimechanisme in en haal uw gewicht van
de zetel.
WAARSCHUWING
Bedien de machine niet met uitgeschakeld of defect OPC/
veiligheidsvergrendelingssysteem. Schakelaars niet ontkoppelen of omleiden.
Test Machinist op stoel Handremschakelaar Maaierschakelaar Motor start
Ja Nee Aan Uit Aan Uit Ja Nee
1
2
3
Haal uw gewicht van de zetel. De maaieenheden moeten binnen zeven (7) seconden ophouden met draaien en
de parkeerrem wordt ingeschakeld.