Operation Manual
POWXG3025 NL
Copyright © 2015 VARO P a g i n a | 16 www.varo.com
Machines waarop het grasmes gemonteerd zit, kunnen heftig naar de
zijkant worden getrokken wanneer het mes met een vast voorwerp in
contact komt. Dit wordt mesterugslag genoemd. Mesterugslag kan krachtig
genoeg zijn om de machine en/of gebruiker in gelijk welke richting te
slingeren en ervoor zorgen dat u de controle over de machine verliest.
Mesterugslag komt zonder waarschuwing voor wanneer de machine zich
vastsnijdt, de motor geblokkeerd wordt of het snijgereedschap klem komt
te zitten. Er bestaat een grotere kans op mesterugslag op plaatsen waar het
moeilijk te zien is welk materiaal er gemaaid wordt.
Vermijd het maaien met het gebied van het mes dat zich tussen de posities
12 uur en 3 uur bevindt. Door de draaisnelheid van het blad, kan
mesterugslag optreden wanneer u met dit gebied van het mes probeert om
dikkere takken door te snijden.
11.4.2 Gras verwijderen met een grasmes
Grasmessen en grassnijders mogen niet op houten takken gebruikt worden.
Een grasblad wordt gebruikt voor alle types lang of dik gras.
Het gras wordt neergemaaid met een zijwaartse, heen-en-weergaande beweging waarbij de
beweging van rechts naar de links de snijbeweging is en de beweging van links naar rechts de
terugkeerbeweging. Laat de linkerkant van het mes (tussen 8 en 12 uur) het snijwerk doen.
Wanneer het mes naar links gekanteld is wanneer u gras verwijdert, zal het gras op een lijn
liggen, wat het makkelijker maakt om het op te ruimen door bv. te harken.
Probeer om ritmisch te werken. Sta stevig met uw voeten uit elkaar. Beweeg na de
terugkeerbeweging voorwaarts en neem terug een stabiele houding aan.
Laat de steun lichtjes tegen de grond rusten. Hij dient om het mes te beschermen zodat het de
grond niet kan raken.
Verklein de kans op het vastdraaien van het materiaal rond het mes door volgende instructies
te volgen:
Werk altijd met volgas.
Vermijd dat u tijdens de terugkeerbeweging met het eerder afgemaaide materiaal in
contact komt.
Schakel de motor uit, haak het harnas los en plaats de machine op de grond vóór u het
afgemaaide materiaal verzamelt.
11.4.3 Grastrimmen met een trimkop
11.4.3.1 Trimmen (Fig. 29)
Hou de trimkop onder een hoek net boven de grond. Het is het uiteinde van de draad die het
werk doet. Laat de draad op zijn eigen tempo werken. Duw de draad nooit in het te maaien
gebied.
De draad kan gemakkelijk gras en onkruid tegen muren, afrasteringen, bomen en boorden
verwijderen, maar kan ook de gevoelige schors van bomen en struiken of afrasteringpalen
beschadigen.
Verklein het gevaar voor het beschadigen van planten door de draad tot 10 – 12 cm in te
korten en de motorsnelheid te verlagen.