Operation Manual
64 NEDERLANDS
3. HARTSLAGLIMIETEN IN DE F2/F3 HARTSLAGMETER INSTELLEN
Voordat u gaat trainen, is het raadzaam uw hartslaglimieten
en het alarm in te stellen. Op deze manier weet u zeker dat
u op het juiste inspanningsniveau (licht, gemiddeld, zwaar)
traint. Zie pagina 67 voor meer informatie over het bepalen
van uw persoonlijke hartslagzone.
Als u een instelling hebt overgeslagen, bladert u naar het
einde en begint u opnieuw vanaf stap 1 om de instellingen
op te geven. U kunt ook de knop ingedrukt houden totdat
het display terugkeert naar de functie OFF (Uit)/ TIME (Tijd).
Vervolgens begint u opnieuw bij stap 1 om de instellingen
op te geven.
HI =bovenlimiet
LO =onderlimiet
Ok=time-out van 3 seconden; goedkeuring van de door u
ingestelde limiet
BEEP = alarm voor de hartslag is aan/uit
1. Als de polsunit in de functie OFF (Uit)/ TIME (Tijd) staat,
houdt u de knop ingedrukt totdat FILE (Bestand) op het
display verschijnt. Laat de knop los.
2. Als SET (Instellen) op het display verschijnt (SET, FILE
en TIME knipperen afwisselend), drukt u op de knop om
naar de SET-functie te gaan.
3. HI verschijnt kort op het display, gevolgd door de
bovenlimietwaarde (standaard 160). Druk op de knop
om de bovenlimiet te wijzigen. De limiet kan worden
ingesteld in stappen van 5 hartslagen. Druk op de knop
tot u de gewenste limiet hebt bereikt en wacht 3
seconden tot uw keuze is goedgekeurd. Ok wordt op het
display weergegeven.










