Operation Manual
XVIII
Studio
Standaard harde schijven hebben bij video-opname door de automatische
interne kalibrering het nadeel dat daartoe soms de continue datastroom moet
worden onderbroken. Bij het opnemen is dit niet te merken, aangezien
Windows beelden tijdelijk in een buffer kan opslaan. Bij de weergave vanaf
de harde schijf kunnen echter slechts enkele beelden tussentijds worden
opgeslagen. Daarom is het ook beslist noodzakelijk dat er een continue
datastroom - zonder onderbrekingen - wordt geleverd. Anders ontstaan er
voortdurende tijdelijke schokken, ofschoon alle beelden aanwezig zijn en de
harde schijf erg snel is. In combinatie met A/V-harde schijfstations treedt dit
probleem niet op.
Harde schijf voorbereiden
Voorafgaand aan het opnemen van videomateriaal is het nodig dat…
• Alle programma’s of taken die op de achtergrond actief zijn, worden
afgesloten. Houd voor het oproepen van Studio de toetsen Ctrl en Alt
ingedrukt en activeer de toets Del. Daarmee wordt het venster
Programma afsluiten geopend. Klik nu op de gewenste toepassing in het
keuzemenu en klik op de knop Taak beëindigen. Herhaal dit voor alle
vermeldingen in de lijst behalve voor Explorer en Systray.
• Klik op Start > Programma’s > Bureauaccessoires > Systeemwerkset >
ScanDisk.
Ga na of Uitgebreid is geactiveerd. Klik op Uitvoeren (dit kan enige tijd
duren).
• Nadat ScanDisk is beëindigd, klikken op Start > Programma’s >
Bureauaccessoires > Systeemwerkset > Defragmentatie (dit kan enige
tijd duren).
• Schakel energiebeheer uit. Klik met de rechter muisknop op het
Bureaublad en kies Eigenschappen > Schermbeveiliging en klik onder >
Energiebesparende functies van de monitor op Instellingen). Controleer
of onder Instellingen voor energiebeheerschema's de optie Nooit is
geselecteerd.
Algemene aanwijzing: video bewerkingsprogramma’s zijn niet
multitasking. Sluit daarom andere geopende programma’s tijdens het
opnemen vanaf een video of het maken van een film (videoband of cd. Bij
videobewerking storen andere geopende programma’s niet.
Bij het gebruik van UDMA-harde schijven kunnen er bij de weergave van
AVI-bestanden met een hogere datarate soms “sprongen” ontstaan. Dit kan
weer worden toegeschreven aan het feit dat de betreffende harde schijf nog
gedurende het uitlezen van een bestand een rekalibrering initialiseert en dus
de playback onderbreekt.
Werkgeheugen (RAM)
Hoe groter het werkgeheugen, hoe comfortabeler er met Studio kan worden
gewerkt, waarbij het gebruik van 128 MB (of hoger) aan RAM-geheugen
wordt aanbevolen.










