Operation Manual
Hoofdstuk 10: De integratie van audio-effecten en muziekbestanden
117
6. Klik op de knop Afspelen van de player of dubbelklik op de betreffende
audioclip om het audiobestand op de tijdlijn te beluisteren.
De opties bij de cd-opname
Afhankelijk van de mogelijkheden van het cd-rom-station biedt Studio een
groot aantal opname-opties. Deze instelmogelijkheden zijn te vinden in het
tabblad CD- en stemopname in het dialoogvenster Pinnacle Studio
Installatie (Installatie > CD- en stemopname):
Standaard worden hierbij de tracks van een audio-cd gelezen en digitaal op
de harde schijf van de pc opgeslagen [Digital (RIP)]. Wanneer er sprake is
van een wat ouder cd-romstation waarmee deze manier van lezen niet
mogelijk is, zijn er, afhankelijk van de geïnstalleerde geluidskaart een aantal
andere instellingen mogelijk.
H
ET GENEREREN VAN ACHTRGRONDMUZIEK
De SmartSound muziekgenerator in Studio combineert diverse muzikale
stijlen met afzonderlijke muziekstukken en interpretaties en genereert
daaruit achtergrond die aan de film is aangepast.
SmartSound bestaat daarbij uit twee belangrijke componenten, aan de ene
kant het in Studio geïntegreerde programma voor het kiezen en manipuleren
van muziekstukken en aan de andere kant de daarmee verbonden
audiobestanden. Vanwege de grootte van deze bestanden (rond 250 MB)
worden deze in het kader van de standaard niet mee geïnstalleerd.
Wanneerde bestanden nog niet zijn geïnstalleerd en later blijkt dat ze vaak
nodig zijn, kunnen deze achteraf worden geïnstalleerd of vanaf de
installatie-cd worden opgeroepen.
Het genereren van achtergrondmuziek met SmartSound
1. Kies de clips uit waar de SmartSound achtergrondmuziek aan moet
worden toegevoegd.
2. Klik op de knop Open de audio gereedschapskist
,
en activeer
vervolgens in de bovenste linker knoppenbalk de knop Maak
automatisch achtegrondmuziek aan
.










