Operation Manual
Bijlage C: Woordenlijst 483
Run Length Encoding (RLE): Een techniek die onderdeel is van een
groot aantal beeldcompressiemethoden, waaronder JPEG. Op elkaar
volgende waarden worden niet afzonderlijk maar met een teller
opgeslagen die aangeeft hoe vaak er de waarde achter elkaar
voorkomt – de lengte van een ‘run’.
S-VHS: Verbeterde VHS-versie op basis van de S-videonorm en banden
met metalen deeltjes voor een hogere luminantieresolutie en een
verbeterde beeldscherpte in verhouding tot VHS. Zie
VHS, S-Video.
S-Video: Met S-video Y/C-signalen wordt de informatie over helderheid
(Luminantie of ‘Y’) en de kleur (Chrominantie of ‘C’) gescheiden via
meerdere kabels getransporteerd, waarmee een modulatie en
demodulatie van de betreffende video, en een daaruit resulterende
slechte beeldkwaliteit kan worden voorkomen.
Schalen: Aanpassen aan de gewenste beeldgrootte.
SCSI: Afkorting van Small Computers System Interface. SCSI wordt bij
krachtige pc’s als interface voor de harde schijf gebruikt vanwege de
hoge gegevenssnelheid. Er kunnen maximaal acht SCSI-apparaten
gelijktijdig op één computer worden aangesloten.
SECAM: Afkorting voor Sequential Couleur à Mémoire, een systeem
voor de overdracht van kleurentelevisie dat wordt gebruikt in Frankrijk
en Oost-Europa. Net als PAL heeft SECAM-video 625 lijnen en 50 halve
beelden per seconde. Zie
NTSC, PAL.
Seriële interface: Via de seriële interface worden gegevens per bit
overgedragen; d.w.z. één voor één. Daardoor is dit type overdracht
aanzienlijk langzamer dan via de parallelle interface, die wel meerdere
bits tegelijkertijd kan overdragen. Seriële interfaces worden aangeduid
met COM en een cijfer (bijv. “COM2”). Zie Parallelle interface.










