Operation Manual
400 Gebruikershandleiding voor Pinnacle Studio
Afspeeloptimalisatie
Optimalisatiedrempel: De optimalisatiedrempel bepaalt hoeveel
rendering wordt uitgevoerd wanneer u een voorbeeld van uw project
bekijkt. Deze kan worden ingesteld op Uit (0) tot Agressief (100). Of
een bepaald deel van de tijdlijn wordt gerenderd, hangt af van het
aantal computerbewerkingen dat is vereist om de gebruikte effecten
en overgangen voor te bereiden, en van de waarde van de
optimalisatiedrempel. Als deze waarde helemaal op Agressief is
ingesteld, rendert Pinnacle Studio alle overgangen, titels, schijfmenu’s
en effecten, zelfs wanneer de uitvoer vooraf kan worden bekeken; dit
kan het afspelen aanzienlijk vertragen.
Als optimalisatiedrempel is ingesteld op Uit (nul), worden de gele en
groene markeringen die de voortgang van het renderen aangeven
echter niet weergegeven; in plaats daarvan worden alle effecten in
realtime afgespeeld. Dit kan echter leiden tot een slechtere
afspeelkwaliteit (frames die verloren gaan, “schokkerig” afspelen) als
het aantal en de complexiteit van de effecten de verwerkingscapaciteit
van het systeem te boven gaan.
Renderen tijdens afspelen: Wanneer de instelling Automatisch wordt
gebruikt, besluit de toepassing op basis van systeeminformatie of
tijdens het afspelen in realtime kan worden gerenderd. Als de instelling
Uit wordt gebruikt, wordt renderen tijdens het afspelen uitgeschakeld,
maar hervat wanneer het afspelen wordt gestopt.
Codecs van derden: Hiermee kan Pinnacle Studio codecs van derden
gebruiken die op uw computer geïnstalleerd zijn, zodat u met extra
video-indelingen kunt werken. Opmerking: bepaalde codecpakketten
van derden kunnen ertoe leiden dat Pinnacle Studio vastloopt of
andere fouten optreden.










