Operation Manual
Hoofdstuk 4: Correcties 149
Automatisch
Met de twee speciale tools in deze groep past u het beeld automatisch
aan na een analyse van het helderheidsspectrum. U kunt als u dat wilt
de toolinstelling handmatig verder aanpassen.
Witbalans: Wanneer u het vakje Witbalans inschakelt, wordt een
kleurtemperatuurinstelling voor het beeld berekend, en de schuifbalk
voor de temperatuur wordt weergegeven. Gebruik de schuifbalk om
de instelling interactief aan te passen terwijl u de voorvertoning
weergeeft.
Niveaus: Als u dit vakje inschakelt, wordt automatische aanpassing van
de verlichting geactiveerd en een set met drie bedieningsopties
geopend. De eerste is Optimalisatie, een vervolgkeuzelijst waarin u het
algemene gedrag van de tool kunt instellen door ‘Contrast’ (alleen
optimalisatie voor contract) of ‘Volledig’ (algemene optimalisatie van
verlichting) te kiezen.
De schuifregelaars Helderheid en Levendigheid kunnen op waarden
van -10 tot +10 worden ingesteld. Als u deze instelt op nul wordt de
standaard gekozen waarde niet gewijzigd. Helderheid geeft een
algemene verhoging of verlaging van de helderheid en wordt over het
hele beeld toegepast. Levendigheid is voornamelijk ontworpen om te
gebruiken op beelden met mensen en is vergelijkbaar met de
bediening Verzadiging, maar voorkomt het onnatuurlijke uiterlijke
kenmerk van oververzadigde huidtonen.
Basis
Met deze functies kunt u de algemene verlichtingseigenschappen van
uw beeld aanpassen.










