Operation Manual

460 Gebruikershandleiding voor Pinnacle Studio
Afbeeldingscompressie: Methode voor de beperking van de
hoeveelheid gegevens die voor de opslag van een digitale afbeelding
of video nodig zijn.
Afgesloten GOP: Zie
GOP
.
Aliasing: Onnauwkeurige weergave van een afbeelding door
beperkingen in de weergavesnelheid. Aliasing treedt op in de vorm van
een trapeffect bij rondingen en hoekige vormen.
Anti-aliasing: Een methode waarbij de hoekige randen van bitmap-
afbeeldingen worden bijgewerkt. Dit wordt meestal bereikt door het
bijwerken van de randen met pixels van dezelfde kleur tussen de rand
en de achtergrond, waardoor de overgang minder duidelijk is. Bij een
andere methode voor anti-aliasing wordt weergaveapparatuur met
een hogere resolutie gebruikt.
AVI: Afkorting van Audio Video Interleaved, een formaat voor digitale
video (en
Video voor Windows
).
Batchopname: Een geautomatiseerd proces waarbij een
Edit Decision
List (EDL):
wordt gebruikt om bepaalde clips op een videoband te
lokaliseren en opnieuw op te nemen. Doorgaans worden de
betreffende clips daarbij opgenomen met een hogere
gegevenssnelheid dan die van de oorspronkelijke opname.
Beeldfrequentie: De framesnelheid bepaalt hoeveel frames van een
videosequentie per seconde worden afgespeeld. De framesnelheid
voor NTSC-video is 30 beelden per seconde. De framesnelheid voor
PAL-video is 25 beelden per seconde.
Beginmarkering/Eindmarkering: Bij videobewerking verwijzen deze
markeringen naar de begin- en eindtijdcodes waarmee de delen van de
clips worden aangeduid die in een project worden opgenomen.