Operation Manual
Bijlage A: Setup-opties 323
Kwaliteit/Gegevenssnelheid: Afhankelijk van de gebruikte codecs kan
met de geïntegreerde schuifregelaar het percentage van de gewenste
kwaliteit alsmede de gegevenssnelheid worden ingesteld. Hoe hoger het
ingestelde percentage, des te groter het daaruit voortkomende bestand.
Audio-instellingen
Bij veel toepassingen is het totaal geen probleem de bestandsgrootte
minimaal te houden, wanneer dit gewenst is. De daaraan gekoppelde
audiodelen kunnen worden ingesteld op de waarden 8-bit mono bij 11 kHz.
Geadviseerd wordt bij filmcommentaar te volstaan met 8-bit 11 kHz. Stel
bij muziek de waarden in op 16-Bit stereo met 22 resp. 44 kHz. In verband
hiermee wordt conventionele audio-CD-muziek opgenomen in 16-Bit
stereo met 44 kHz. Standaard wordt muziek op CD-ROM in 16-bits stereo
gesampled op 44 kHz. Bij het kiezen van de juiste audiocompressie kan
ook het volgende ezelsbruggetje helpen: 11 kHz is vergelijkbaar met AM-
radiokwaliteit, 22 kHz komt overeen met FM en 16-Bit stereo met 44 kHz
CD-kwaliteit.
Audio invoegen: deze optie is standaard ingeschakeld. Als u het vinkje
verwijdert, heeft het uitvoerbestand geen geluid.
Opties: met de knop Opties opent u een codec-specifiek optiepaneel -
indien beschikbaar.
Compressie: de codecs die hier staan vermeld, zijn afhankelijk van het
bestandtype.
Kanalen: de opties in deze lijst zijn Mono, Stereo en MultiChannel,
afhankelijk van het bestandstype. De bestandsgrootte neemt toe als er
meerdere kanalen worden gebruikt.
Samplefrequentie: digitale audio-bestanden worden gemaakt met kleine,
discrete samples van analoge golfvormen, waarbij de kwaliteit toeneemt
naarmate er meer samples ter beschikking staan. Zo worden bijvoorbeeld
audio-CD’s met 44 kHz en 16-Bit stereo opgenomen. Voor de meeste
doeleinden kunnen de opnamen ook al met 11 kHz worden gegenereerd,
hetgeen vooral geldt voor filmcommentaar.










