Operation Manual

Bijlage B: Videografietips 289
Voorkom beeldsprongen
Dezelfde instellingen direct na elkaar gemonteerd, geven mogelijk
beeldsprongen (dezelfde persoon bevindt zich dan weer in de linker
beeldhelft, dan weer in de rechter beeldhelft of wordt een keer met en dan
weer zonder bril getoond.
Draaiingen niet achter elkaar plaatsen
Plaats draaiingen niet achter elkaar, behalve als ze dezelfde richting en
hetzelfde tempo hebben.
Vuistregels voor videomontage
Hier volgt een aantal richtlijnen die handig kunnen zijn voor het monteren
van uw film. Er bestaan geen harde regels, zeker niet wanner uw werk
grappig of experimenteel is.
Monteer geen camerabewegingen direct na elkaar. Draaiingen, zooms en
camerabewegingen altijd scheiden door stilstaande instellingen.
Op elkaar volgende instellingen moeten vanuit verschillende
cameraposities zijn opgenomen; maak altijd een verschil in de
opnamehoek van ten minste 45 graden.
Werk bij grote opnamen van gezichten bij dialogen enzovoort vanuit
diverse camerahoeken.
Perspectief wisselen bij opnamen van gebouwen. Laat bij opnamen die
wat betreft soort en grootte op elkaar lijken, de beelddiagonalen
afwisselend van rechtsvoor naar linksachter en omgekeerd verlopen.
Montages aanbrengen in bewegingen van personen. De toeschouwer
wordt afgeleid door de lopende beweging en merkt de montage bijna
niet. D.w.z.: in het midden van de beweging kan naar een
overzichtopname worden overgestapt.
Gebruik harmonische montages en geen beeldsprongen.
Des te minder beweging in één instelling des te korter moet de duur zijn.
Camera-instellingen met snelle bewegingen kunnen langer zijn.
Overzichten hebben meer inhoud en moeten dus ook langer getoond
worden.
Door het bewust achter elkaar plaatsen van videobeelden kan niet alleen
een bepaald effect worden bereikt, maar kan ook een boodschap op de