Operation Manual
142 Avid Studio
Er zijn drie typen detaillagen: opvulling (oppervlakte), rand en schaduw.
De drie typen verschillen niet in de instellingen die ze ondersteunen, maar
in de standaardpositie waarop ze in de stapel met lagen worden ingevoegd.
Tenzij expliciet naar een andere positie gesleept, verschijnen de
opvullingdetails bovenaan de stapel, gevolgd door randen en ten slotte
schaduwen. Nadat u een detail hebt gemaakt, kunt u het echter naar wens
naar boven of beneden in de stapel slepen.
Opvulling, Rand en Schaduw: een nieuw opvullingdetail (links, boven)
wordt toegevoegd aan de bovenste opvullinglaag; er worden nieuwe
rand- en schaduwdetails toegevoegd onder de onderste laag van de
diverse typen.
U kunt de eigenschappen van individuele detaillagen aanpassen via de
knoppen op uitklapbare bewerkingspanelen in de editor voor uiterlijken.
De volgende detaileigenschappen zijn beschikbaar:
• Offset X en Offset Y: Met deze schuifknoppen bepaalt u de positie van
de detaillaag met betrekking tot de nominale positie van de tekst of
afbeelding waarop het uiterlijk wordt toegepast. Het bereik van de
verschuiving is -100 (links of beneden) tot +100 (rechts of boven). De
maximale verschuiving staat voor 1/8ste van de breedte en 1/8ste van het
werkgebied van het venster Bewerken.










