Operation Manual
Hoofdstuk 5: Media bewerken: Effecten 115
Als u geen tussenliggende keyframes nodig hebt, bent u na het plaatsen van
het begin- en eindframe klaar met de sessie.
Voor een complexere animatie moet u de scrubber daar plaatsen waar u de
camerabeweging wilt veranderen. U maakt heel eenvoudig een nieuw
keyframe door het witte selectiekader in te stellen op de gewenste grootte
en positie. Het nieuwe keyframe wordt vertegenwoordigd door een
ruitvormig, grijs pictogram in de keyframelijn onder de cliptijdlijn.
Voeg zoveel mogelijk keyframes toe als nodig is. Wanneer u klaar bent,
klikt u op OK om terug te keren naar de projecttijdlijn.
Een keyframe handmatig toevoegen: U voegt een expliciet
keyframe toe aan de afspeellijnpositie zonder het huidige
animatiepad te veranderen, door op de knop keyframing in-/uitschakelen
uiterst links op de transportwerkbalk te klikken.
Een keyframe verplaatsen: U kunt een keyframe langs de tijdlijn slepen
om deze op tijd te verplaatsen.
Naar een keyframe springen: Wanneer u naar een keyframe wilt springen
om deze te wijzigen of te verwijderen, gebruikt u de pijlknoppen links en
rechts van de knop keyframe of klikt u direct op het keyframe in de
keyframelijn. Wanneer de afspeellijn direct op een keyframe wordt
geplaatst, wordt het keyframe gemarkeerd.
Een keyframe verwijderen: U verwijdert een keyframe door op het
bijbehorende pictogram te klikken op de keyframelijn om naar het
rechterframe te bladeren. Daarna klikt u op de knop Keyframe verwijderen
uiterst rechts op de transportbalk.
Het venster Instellingen
Het venster Instellingen beschikt over een aantal knoppen voor het
configureren van het gereedschap Pan en Zoom.
• Soepel (Smooth) zorgt voor rustig afremmen bij het naderen van een
richtingsverandering in het animatiepad van het keyframe.
• Instelling selecteren: Kies uit een aantal statische en geanimeerde
instellingen.
• Zoom, Horizontaal en Verticaal geven de numerieke waarden van het
huidige frame weer. Dubbelklik op de schuifregelaars om de waarden
opnieuw in te stellen.
• Laag passeren filtert bewegingen op kleine schaal uit om een soepele,
geoptimaliseerde animatie te bereiken.










