Operation Manual
7
1 Plaats een cassette in het toestel, of schakel het toestel
in met de
P q
-toets.
2 Kies met de
P r
of de
P q
-toets of met de
0-9
-toetsen het programmanummer waarvan u wilt
opnemen, b.v.: ’P 01’ .
NED1
3 Druk de
RECORD 5
-toets in.
0:00
4 Stop de opname met de
STOP h
-toets.
De langspeel-functie
U kunt de opnamesnelheid halveren. Daardoor zijn bijv. 8 in
plaats van 4 uur opname met een ’E240’-cassette mogelijk.
Kies, met ingeschakelde videorecorder, v´o´or de opname met
de
SP/LP
-toets de opnamesnelheid. In het display
verschijnt ’LP’ (LP = Long Play).
Informatie: Tijdends beeldzoeken, vertraagd beeld en
stilstaand beeld kan de kleurweergave slechter zijn.
* De beste beeldkwaliteit verkrijgt u bij opnamen met
standaard-snelheid (’SP’).
Belangrijke informatie voor de opname
• Opname van een externe bron:De programmanummers
’E1’ en ’E2’ zijn voor opnamen van externe bronnen (via
scart-aansluitingen
EXT.1
of
EXT.2
) bestemd.
• OTR (One Touch Recording): Als u niet tot aan het einde
van de cassette wilt opnemen, druk dan nogmaals de
RECORD 5
-toets in. Op het beeldscherm verschijnt nu,
op welke tijd de opname eindigt. Met elke volgende druk
op de
RECORD 5
-toets kunt u 30 minuten toevoegen.
Met de
CLEAR (CL)
-toets keert u weer naar de
oorspronkelijke opname-stand terug.
• Stereo-ontvangst: Deze videorecorder kan stereo-
uitzendingen opnemen. De weergave vindt in HIFI-
kwaliteit plaats.
• De opnamepreventie: Om te verhinderen dat u een
belangrijke opname per ongeluk wist, kunt u aan de
achterkant van de cassette het hiervoor bestemde lipje
(opnamepreventie) er met een schroevedraaier uit bre-
ken, ofwel het opnamepreventie-schuifje naar links
schuiven.
Wilt u de opnamepreventie opheffen, dan kunt u de
opening met een plakbandje weer sluiten, ofwel het
schuifje naar rechts schuiven.
• Beeldmontage: Door beeldmontage (assembling) worden
reeds aanwezige opnamen zonder storende overgangen
aan nieuwe opnamen gekoppeld. Zoek tijdens de weer-
gave de juiste bandpositie en druk de
hSTOP/JEJECT
-toets in. In het display verschijnt 9 . Nu begint u zoals
gewoonlijk met de
RECORD 5
-toets de opname.
Met de
OK
-toets kunt u tijdens stop h of pauze 9
omschakelen tussen zender en bandpositie.
3. OPNAME










