Operation Manual

1 Plaats een cassette in de videorecorder, of schakel het
toestel in met de P q -toets.
2 Kies met de P r of de P q -toets of met de 0-9 -toet-
sen het programmanummer waarvan u wilt opnemen,
b.v.: ’P 01’. In het display verschijnt:
NED1
3 Druk de RECORD/OTR n -toets in. In het display verschijnt:
0:00
4 Stop de opname met de STOP h -toets.
Belangrijke informatie voor de opname
Opname van een externe bron:De programmanummers
’E1’ en ’E2’ zijn voor opnamen van externe bronnen (via
scart-aansluitingen EXT.1 of EXT.2 ) bestemd.
OTR (One Touch Recording): Als u niet tot aan het einde
van de cassette wilt opnemen, druk dan nogmaals de
RECORD/OTR n -toets in. Op het beeldscherm verschijnt nu,
op welke tijd de opname eindigt. Met elke volgende druk
op de RECORD/OTR n -toets kunt u 30 minuten toevoegen.
Met de CLEAR (CL) -toets keert u weer naar de oorspronke-
lijke opname-stand terug.
De opnamepreventie: Om te verhinderen dat u een
belangrijke opname per ongeluk wist, kunt u aan de
achterkant van de cassette het hiervoor bestemde lipje
(opnamepreventie) er met een schroevedraaier uit breken,
ofwel het opnamepreventie-schuifje naar links schuiven.
Wilt u de opnamepreventie opheffen, dan kunt u de
opening met een plakbandje weer sluiten, ofwel het
schuifje naar rechts schuiven.
Beeldmontage: Door beeldmontage (assembling) worden
reeds aanwezige opnamen zonder storende overgangen
aan nieuwe opnamen gekoppeld. Zoek tijdens de weerga-
ve de juiste bandpositie en druk de STOP h -toets in. In
het display verschijnt 9. Nu begint u zoals gewoonlijk met
de RECORD/OTR n -toets de opname.
Met de OK -toets kunt u tijdens stop hof pauze 9omscha-
kelen tussen het laten zien van zender-benaming en
bandpositie.
Een opname programmeren
Voor elke geprogrammeerde opname heeft de videorecorder
de volgende informatie nodig:
* de datum van de opname
* het programmanummer van de TV-uitzending
* de starttijd en de eindtijd van de opname
* ’PDC’ of ’VPS’ aan of uit
De videorecorder legt alle hierboven genoemde informatie
vast in een TIMER-blok. U kunt 6 TIMER-blokken ´en volle
maand vooruit programmeren.
Met PDC (Programme Delivery Control) of VPS (Video Pro-
gramming System) wordt het begin en de duur van de
geprogrammeerde opname door de TV-zender geregeld.
Als een TV-programma vroeger begint of later eindigt dan
gepland, dan wordt de videorecorder op het juiste tijdstip in-
en uitgeschakeld.
Normaal gesproken zijn de starttijd en PDC- of VPS-tijd gelijk.
Echter, staat er in het TV-programmablad naast de starttijd
van een TV-programma nog een afwijkende PDC- of VPS-tijd,
dus b.v.: ’20.15 (VPS 20.14)’, dan moet u bij het programmeren
de PDC- of VPS-tijd ’20.14’ op de minuut nauwkeurig
intoetsen.
Wilt u een afwijkende tijd ingeven, dan moet u ’PDC of VPS’
uitschakelen.
3. OPNAME FUNCTIES
8