Operation Manual
Variant 2, de camerarecorder stuurt de
videorecorder
a Start het kopi¨eren met de daarvoor bestemde toets op de
camerarecorder (zie de gebruiksaanwijzing van de
camerarecorder).
De camerarecorder start met ’WEERGAVE’ en de
videorecorder start synchroon (gelijktijdig) met
’OPNAME’.
b Onderbreek de opname met de PAUZE of STILL-toets op
de camerarecorder.
c Be¨eindig met de MENU -toets.
’Preroll tijd’ instellen
Als het begin van de gekopi¨eerde sc`ene niet overgenomen is,
dan is de ’preroll tijd’ te lang. Stel een kortere tijd in.
Als te vroeg met kopi¨eren is begonnen, dan is de ’preroll tijd’
te kort. Stel een langere tijd in. U kunt een ’Preroll tijd’ kiezen
tussen 1:00 en 5:00 seconden.
a Druk op de MENU -toets.
b Kies de regel ’OPNAME FUNCTIES’ met de B of
A -toets en bevestig met de C -toets.
c Kies de regel ’OPN. INSTELLING’ met de B of
A -toets en bevestig met de C -toets.
d Verander in regel ’PREROLL TIJD’ de aangegeven tijd
met de C of D -toets.
DU kunt de ’preroll tijd’ ook direct met de cijfertoetsen
0-9 ingeven.
DMet de CLEAR (CL) -toets wordt de ’preroll tijd’ weer
teruggezet op de ’preroll tijd’-stand van het
herkende camerarecorder-type.
e Bevestig de veranderde tijd met de OK -toets.
f Be¨eindig met de MENU -toets.
39










