Operation Manual
De JOG/SHUTTLE functie
Op de videorecorder vindt u een grote draaiknop (shuttle)
o .
a Schakel de functie in met de STILL/JOG ON R -toets op
de afstandsbediening of de STILL R -toets op de
videorecorder.
U ziet een stilstaand beeld.
b Met de binnenste knop (Jog) op de afstandsbediening of
de videorecorder kiest u het vorige of volgende beeld.
c Als u de binnenste knop blijft draaien, dan schakelt de
videorecorder over op ’slow motion’ (vertraagd
weergeven).
d Met de buitenste draaiknop (Shuttle) kunt u meerdere
bandzoeksnelheden kiezen.
De JOG/SHUTTLE functie op de
afstandsbediening
Op de afstandsbediening vindt u een grote draaiknop (shuttle)
o .
a Schakel de functie met de STILL/JOG ON R -toets van de
afstandsbediening in.
U ziet een stilstaand beeld.
b Met de binnenste knop (Jog) op de afstandsbediening
kiest u het vorige of volgende beeld.
c Als u de binnenste knop blijft draaien, dan schakelt de
videorecorder over op ’slow motion’ (vertraagd
weergeven).
d Met de buitenste draaiknop (Shuttle) kunt u meerdere
bandzoeksnelheden kiezen.
Bandpositie zoeken zonder beeld
(spoelen)
a Stop de band met de h -toets.
b Druk op de H - (terug) of de I -toets (vooruit). Als
u de functie op het toestel wilt uitvoeren, draai dan de
grote draaiknop (shuttle) o naar links of naar rechts.
c Onderbreek op de gewenste positie met de h -toets.
Instant view
Met deze functie kunt u tijdens vooruit- of terugspoelen op
’beeldzoeken’ overschakelen.
a Als u de H -ofde I -toets tijdens het vooruit- of
terugspoelen ingedrukt houdt, dan schakelt u over op
beeldzoeken.
DAls u deze functie op het toestel wilt uitvoeren, draai
dan tijdens het spoelen de grote draaiknop helemaal
naar links of naar rechts.
b Als u de toets loslaat, dan schakelt de videorecorder
automatisch weer over op vooruit- of terugspoelen.
Automatisch bandpositie (index) zoeken
Bij het begin van elke opname wordt een index-markering op
de band geschreven.
a Druk op de INDEX E -toets om de volgende of de vorige
markering te zoeken. Druk daarna op de H -toets of
de I -toets.
b Als de videorecorder de markering op de band vindt, dan
schakelt deze automatisch over op weergave.
Beeldinstelling kiezen (SMART PICTURE)
U kunt tijdens de weergave de beeldinstelling veranderen:
a Druk tijdens de weergave op de SMART -toets. De
huidige instelling verschijnt.
b Druk meerdere keren op de SMART -toets om de door u
gewenste beeldinstelling te kiezen.
’NATUURLIJK’: Voor alle soorten film (natuurlijk beeld)
’BRILJANT’: Voor snelle bewegingen, sport (detailrijk
beeld)
’ZACHT’: Voor huurcassettes (storingen worden
verminderd)
’SCHERP’: Voor tekenfilms (scherp beeld)
DDeze instelling blijft behouden tot de band uit de
videorecorder gehaald wordt.
19










