Operation Manual
Beeldinstelling kiezen (SMART PICTURE)
U kunt tijdensde weergave de beeldinstellingveranderen:
a Druk tijdens deweergave op de SMART -toets. De
huidige instelling verschijnt.
b Druk meerdere kerenop de SMART -toets om de door u
gewenste beeldinstellingte kiezen.
’NATUREL’: Voor alle soortenfilm (natuurlijk beeld)
’BRILLANT’: Voor snelle bewegingen,sport (detailrijk
beeld)
’DOUX’: Voor huurcassettes(storingen worden
verminderd)
’NET’: Voor tekenfilms(scherp beeld)
DDeze instelling blijftbehouden tot de band uit de
videorecorder gehaald wordt.
Beeldstoringen opheffen
Als de beeldkwaliteitslecht is, doorloop dan de volgende
stappen:
Tracking
a Druk tijdens weergavezolang op de P q -toets, tot
’TRAC’ (tracking)op het display vande videorecorder
verschijnt.
b Druk zolang op de P q of P r -toets, tot de
weergavekwaliteitoptimaal is.
c Wacht een aantal seconden,tot ’TRAC’ weer verdwijnt.
Deze instelling blijftgehandhaafd tot de cassette eruit
genomen wordt.
Instellen van verticalestabiliteittijdens
stilstaand beeld
Als het stilstaandebeeld verticaal trilt, dan kuntu dit als volgt
verbeteren:
a Druk bij stilstaandbeeld zolang op de P q of P r
-toets, totde beeldkwaliteit optimaalis.
Deze instelling wordtautomatisch in het geheugen
vastgelegd.
DBij cassettesvan slechte kwaliteitkunnen
desondanks toch nog storingenoptreden.
Videokoppen reinigen
Als tijdens de weergavehorizontale storingsstrepen optreden,
dan kunt u de videokoppenreinigen.
a Druk tijdens weergaveop de PLAY G -toets,tot de
melding ’HEAD’ (videokoppenreinigen) op het
beeldscherm verschijnt.De videokoppen worden
gereinigd. Daarna schakeltde videorecorder automatisch
weer over op weergave.
14










