Operation Manual
1 Plaats een cassette in de videorecorder, of schakel het
toestel in met de P q -toets.
2 Kies met de P r of de P q -toets of met de 0-9 -toet-
sen het programmanummer waarvan u wilt opnemen, b.v.:
’P 01’. In het display verschijnt:
NED1
3 Druk de RECORD/OTR n -toets in. In het display verschijnt:
0:00
4 Stop de opname met de STOP h -toets.
De langspeel-functie
U kunt de opnamesnelheid halveren. Daardoor zijn bijv. 8 in
plaats van 4 uur opname met een ’E240’-cassette mogelijk.
Kies, met ingeschakelde videorecorder, v´o´or de opname met
de SP/LP -toets de opnamesnelheid. In het display verschijnt
’LP’ (LP = Long Play).
Informatie: Tijdends beeldzoeken, vertraagd beeld en stil-
staand beeld kan de kleurweergave slechter zijn.
* De beste beeldkwaliteit verkrijgt u bij opnamen met
standaard-snelheid (’SP’).
Belangrijke informatie voor de opname
• Opname van een externe bron: De programmanummers
’E1’ en ’E2’ zijn voor opnamen van externe bronnen (via
scart-aansluitingen EXT.1 of EXT.2 ) bestemd.
• OTR (One Touch Recording): Als u niet tot aan het einde
van de cassette wilt opnemen, druk dan nogmaals de
RECORD n -toets in. Op het beeldscherm verschijnt nu, op
welke tijd de opname eindigt. Met elke volgende druk op
de RECORD n -toets kunt u 30 minuten toevoegen.
Met de CLEAR (CL) -toets keert u weer naar de oorspronke-
lijke opname-stand terug.
• De opnamepreventie: Om te verhinderen dat u een
belangrijke opname per ongeluk wist, kunt u aan de
achterkant van de cassette het hiervoor bestemde lipje
(opnamepreventie) er met een schroevedraaier uit breken,
ofwel het opnamepreventie-schuifje naar links schuiven.
Wilt u de opnamepreventie opheffen, dan kunt u de
opening met een plakbandje weer sluiten, ofwel het
schuifje naar rechts schuiven.
• Beeldmontage: Door beeldmontage (assembling) worden
reeds aanwezige opnamen zonder storende overgangen
aan nieuwe opnamen gekoppeld. Zoek tijdens de weerga-
ve de juiste bandpositie en druk de STOP h -toets in. In
het display verschijnt 9. Nu begint u zoals gewoonlijk met
de RECORD n -toets de opname.
Met de OK -toets kunt u tijdens stop hof pauze 9omscha-
kelen tussen het laten zien van zender-benaming en
bandpositie.
Direct Opnemen (Direct Record)
Wilt u een televisieuitzending opnemen waar u naar kijkt?
Druk op de RECORD n -toets, terwijl de videorecorder uitge-
schakeld is. De videorecorder neemt via de scartkabel het
actuele programmanummer van het televisietoestel over en
start de opname. De functie ’Direct Opnemen’ functioneert
alleen, als deze ingeschakeld is.
1 Druk daarvoor de AUTOINSTALL -toets op de videorecor-
der in.
2 Kies ’DIRECT OPNEMEN’ met de P q -ofde P r -toets
en bevestig met de OK -toets.
3 Kies ’AAN’ met de P q -toets en bevestig met de OK
-toets.
Hierna schakelt de videorecorder vanzelf uit.
Informatie:
* Niet alle externe toestellen (b.v. sommige satelliet ontvan-
gers, decoders) zijn geschikt voor de functie ’Direct
Opnemen’.
* Kies pas dan op de televisie een ander programmanum-
mer, als in het display van de videorecorder ’OK’ verschijnt.
Dat kan een minuut duren.
3. OPNAME FUNCTIES
9










