Operation Manual

11NL
4 Telefoonge-
sprekken voeren
Opmerking
Tijdens een stroomstoring kunt u met de telefoon geen
alarmnummers bellen.
Tip
Controleer de signaalsterkte voordat u gaat bellen
of terwijl u een telefoongesprek voert. (zie 'De
signaalsterkte controleren' op pagina 10)
Bellen
U kunt op de volgende manieren bellen:
• Normaleoproep
• Bellen naar een vooraf gekozen
nummer
U kunt ook bellen via de herhaallijst (zie
'Een nummer herhalen' op pagina 19),
het telefoonboek (zie 'Kiezen vanuit het
telefoonboek' op pagina 15) en de bellijst (zie
'Terugbellen' op pagina 18).
Normale oproep
1 Druk op of .
2 Kies het telefoonnummer.
» Het nummer wordt gebeld.
» De duur van het huidige gesprek
wordt weergegeven.
Bellen naar een vooraf gekozen
nummer
1 Toets het telefoonnummer in.
• Als u een cijfer wilt wissen, drukt u op
REDIAL/C.
• Als u alle cijfers wilt wissen, houdt u
REDIAL/C ingedrukt.
• Als u een pauze wilt inlassen, houdt u
ingedrukt.
2 Druk op of om het nummer te
bellen.
Opmerking
De gesprekstimer geeft de gesprekstijd weer van het
huidige gesprek.
Als u waarschuwingstonen hoort, is de batterij van de
telefoon bijna leeg of is de telefoon buiten bereik. Laad
de batterij op of beweeg de telefoon in de richting van
het basisstation.
Een gesprek aannemen
Wanneer de telefoon overgaat, kunt u de
volgende opties selecteren:
• Druk op of om het gesprek aan te
nemen.
• Druk op REDIAL/C om het belsignaal van
deze oproep uit te schakelen.
Waarschuwing
Houd om gehoorschade te voorkomen de handset
op voldoende afstand van uw oor wanneer de
handset overgaat of wanneer de handsfree-modus is
ingeschakeld.
Opmerking
Als u zich bij uw serviceprovider voor de service
nummerherkenning hebt aangemeld, wordt het
nummer op de handset weergegeven. Als het nummer
in het telefoonboek is opgeslagen, wordt de naam
weergegeven.
Tip
Wanneer u een oproep hebt gemist, ziet u een bericht.