Operation Manual

LFF6080
- 18 -
2 - Installatie
Papier in de handmatige papierinvoer
plaatsen
Met de handmatige papierinvoer kan u verschillende
papierformaten gebruiken met een hoger gewicht dan
toegelaten in de papierlade (zie paragraaf
Eigenschappen, pagina 97).
Per keer mag slechts één enkel vel papier of omslag
ingebracht worden.
1 Schuif de geleiders van de handmatige invoer
volledig opzij.
2 Stop een vel papier of een omslag in de
handmatige invoer.
3 Regel de papiergeleiders tegen de rechter- en
linkerzijden van het papier op de omslag.
4 Zorg ervoor dat bij het afdrukken het gekozen
papierformaat overeenkomt met het formaat dat
werd geselecteerd op de printer (raadpleeg Kopie,
pagina 19).
Gebruik van enveloppen
Alleen gebruiken met de handmatige papiertoevoer.
De aanbevolen zone om af te drukken heeft een
marge van 15 mm aan de zijde van de flap van de
omslag, en een marge van 10 mm van de linker-,
rechter- en onderzijde van de omslag.
Een aantal lijnen kunnen aan de volle kopie worden
toegevoegd om elke overlapping te vermijden.
Er kan zich een fout voordoen tijdens het afdrukken
met omslagen die niet overeenkomen met de
aanbevolen omslagen (zie paragraaf Onderhoud,
pagina 90).
Strijk elke gebogen enveloppe na het afdrukken
handmatig vlak.
Kleine kreuken op de rand van de lange zijde van
enveloppen, vlekken of onduidelijke afdrukken kunnen
op de achterzijde verschijnen.
Maak de enveloppe klaar door goed op de plooilijnen
aan de vier kanten te drukken, nadat u er alle lucht
hebt uitgeduwd.
Plaats de omslag in een goede positie om elke plooi of
vervorming te vermijden.
Papier mag niet worden geacclimatiseerd. En het
moet in een normale kantooromgeving worden
gebruikt.
Belangrijk
Voor het invoeren van het papier, zie
paragraaf Aanbevelingen voor het
papier, pagina 10.
Belangrijk
U kan papier gebruiken met een
gewicht tussen 52 en 160 g/m².