Operation Manual

119
3139 116 19611
Nederlands
BEDIENEN VAN HET SYSTEEM
Instellen van de klank
Voor een optimaal geluid kunt u één
van de volgende klankeffecten
tegelijk kiezen : PERSONAL, DSC, VEC
of BASS/TREBLE.
PERSOONLIJK GELUID
U kunt in het totaal 6 persoonlijke
geluidsinstellingen opslaan.
1 Druk om het klankeffect PERSONAL te
kiezen.
2 Regel de JOG-knop om de gewenste
persoonlijke instelling te kiezen.
Het nummer van de gekozen
persoonlijke instelling wordt
omcirkeld.
Als u nog niet eerder een naam
toegekend heeft dan verschijnt in het
display "PERSONAL X". "X" is het
nummer van de instelling.
Persoonlijke instellingen
Met de JOG-knop kunt u het gewenste
niveau instellen voor uw persoonlijke
instellingen.
1 Houd PERSONAL ongeveer
vijf
seconden
ingedrukt om de persoonlijke
instellingen te activeren.
In het display verschijnt "SELECT
PRESET NUMBER" (kies
voorkeuzenummer).
2 Regel de JOG-knop om het gewenste
voorkeuzenummer te kiezen voor de
persoonlijke instelling en druk op á
om uw keuze te bevestigen.
In het display verschijnt "ADAPT
LOW FREQ LEVEL" (stel niveau
voor lage frequenties in).
3 Regel de JOG-knop om het gewenste
Spectrum Analyzer- niveau te kiezen
voor de lage frequenties.
Het niveau wordt hoger of lager
ingesteld tussen niveau + 3 en
- 3.
4 Druk op á om uw keuze te bevestigen.
In het display verschijnt "ADAPT
MID FREQ LEVEL" (stel niveau
voor middenfrequenties in) gevolgd
door "ADAPT HIGH FREQ
LEVEL" (stel niveau voor hoge
frequenties in).
Herhaal
stappen 3 en 4
om het
gewenste Spectrum Analyzer- niveau te
kiezen voor de midden- en hoge
frequenties.
5 U kunt een naam toekennen aan de
persoonlijke instelling.
Het eerste karakter van de naam van
de instelling knippert.
6 Regel de JOG-knop om de gewenste
letter, cijfer of symbool te kiezen.
"A tot Z", "0 tot 9" of "*, -, +, \, /,
_".
7 Druk op á om uw keuze te bevestigen.
Het volgende in te geven karakter
knippert.
Herhaal
stappen 6 en 7
om maximaal
10 karakters op te slaan.
8 Druk nogmaals op PERSONAL om de
instelling op te slaan.
Voor u de instelling opslaat, kunt u
op
à
drukken om in omgekeerde
volgorde stap voor stap terug te
keren.
Wilt u de instelling verlaten zonder
deze op te slaan, druk dan op
Ç
.
Opmerkingen:
Als tijdens de persoonlijke instellingen
gedurende 90 seconden geen enkele
toets ingedrukt wordt dan verlaat het
systeem automatisch de persoonlijke
instellingen.
Het wOOx-niveau kan niet als onderdeel
van de persoonlijke instellingen
opgeslagen worden.
Tijdens de persoonlijke instellingen kan
het Bass/Treble-niveau niet ingesteld
worden; in het display verschijnt dan
USE JOG
” (gebruik JOG).
DIGITAL SOUND CONTROL (DSC) -
digitale klankregeling
Met de DSC-functie kunt u het systeem zo
instellen dat muziek van uw keuze optimaal
weergegeven wordt.
1 Druk om het klankeffect DSC te kiezen.
2 Regel de JOG-knop om de gewenste
digitale klankregeling te kiezen :
OPTIMAL, CLASSIC, TECHNO, VOCAL,
ROCK of JAZZ.
De gekozen digitale klankregeling
wordt omcirkeld.
In het display verschijnt "OPTIMAL,
CLASSIC, TECHNO, VOCAL,
ROCK of JAZZ".
Opmerking:
Wilt u een neutrale instelling, kies dan
CLASSIC.
VIRTUAL ENVIRONMENT CONTROL
(VEC) - virtuele omgeving
Met de VEC-functie kunt u op het systeem
een bepaald type omgeving kiezen.
1 Druk om het klankeffect VEC te kiezen.
2 Regel de JOG-knop om de gewenste
virtuele omgeving te kiezen : HALL,
CLUB, DISCO, CINEMA, CONCERT of
ARCADE.
De gekozen virtuele omgeving wordt
omcirkeld.
In het display verschijnt "HALL,
CLUB, DISCO, CINEMA,
CONCERT of ARCADE".
pg 110-135/C85-C83/22-Dut 3/6/00, 1:14 PM119