User manual

22
Opname
Inhoudsopgave
5.2.2 Spraakactiveringsfunctie gebruiken
Met de spraakactiveringsfunctie start het apparaat met de opname, zodra
u begint te praten. Als u ophoudt met praten, onderbreekt het apparaat
de opname na drie seconden. Zodra u weer begint te praten, wordt de
opname voortgezet.
Met het spraakactiveringsniveau legt u vast vanaf welke geluidssterkte het
apparaat met de opname begint.
1
Leg de instellingen voor de Spraakactivering vast in het
instellingsmenu en schakel de functie in (zie ook hoofdstuk 8.1.5
Spraakactiveringsfunctie in- en uitschakelen, pagina 32).
X Als de functie is ingeschakeld, wordt op het display het symbool
Š weergegeven.
2
Druk op de opnameknop g.
X Het apparaat gaat in stand-by. Op het display wordt het symbool
voor een gepauzeerde opname (|) weergegeven. Het apparaat
start de opname zodra u begint te praten. Als u ophoudt met praten,
pauzeert het apparaat de opname na drie seconden.
3
Druk op de stopknop j om de opname te beëindigen.
X Het apparaat keert terug in stopmodus.