Operation Manual

60
VERHELPEN VAN STORINGEN
Controleer de volgende punten, voordat u uw dealer belt. Blijft het probleem toch bestaan, neem
dan contact op met de dichtstbijzijnde dealer.
Probleem Oorzaak Oplossing
Bovendraad
breekt
1.Machine niet correct ingeregen. 1.Machine opnieuw inrijgen.
2.Draadspanning is te hoog. 2.Verminder de draadspanning (lager nummer).
3.De draad is te dik voor de naald. 3.Kies een grotere naald.
4.De naald is niet correct geplaatst. 4. Verwijder de naald en bevestig hem opnieuw (platte
zijde naar achteren).
5.De draad is rond de garenpen gewikkeld. Verwijder het overtollig draad en rijg de machine
opnieuw in.
6.De naald is beschadigd. 6.Vervang de naald.
Onderdraad
breekt
1.Het spoelhuis is niet correct geplaatst. 1. Verwijder het spoelhuis en plaats het opnieuw en trek
aan de draad. Deze moet gemakkelijk aangetrokken
kunnen worden.
2.Het spoelhuis is niet correct ingeregen. 2.Controleer het spoeltje en spoelhuis.
3.Onderdraadspanning is te hoog. 3.Corrigeer de onderdraadspanning.
De machine
slaat steken
over
1.De naald is niet correct geplaatst. 1. Verwijder de naald en bevestig hem opnieuw (platte
zijde naar achteren).
2.De naald is beschadigd. 2.Plaats een nieuwe naald.
3.Er werd een verkeerde naald gebruikt. 3.Kies een naald die bij het garen en de stof past.
4.De naaivoet is niet correct geplaatst. 4.Controleer en bevestig correct.
5.Machine niet correct ingeregen. 5.Machine opnieuw inrijgen.
6.Persvoetdruk is onjuist. 6.Verhoog persvoetdruk.
De naald
breekt
1.De naald is beschadigd. 1.Plaats een nieuwe naald.
2.De naald is niet correct geplaatst. 2.Bevestig de naald correct (platte zijde naar achteren).
3.Formaat naald past niet bij de stof. 3.Kies een naald die bij het garen en de stof past.
4.De verkeerde naaivoet is geplaatst. 4.Kies de juiste naaivoet.
5.De naaldklemschroef zit los. 5. Gebruik de schroevendraaier om de schroef stevig
vast te draaien.
6. De door u gebruikte naaivoet past niet bij de
betreffende steek die u wilt naaien.
6. Bevestig de naaivoet dat past bij de betreffende steek
die u wilt naaien.
7.Bovendraadspanning is te hoog. 7.Corrigeer de bovendraadspanning.
Losse steken 1.Machine niet correct ingeregen. 1.Controleer het ingeregen garen.
2.Het spoelhuis is niet correct ingeregen. 2.Rijg het spoelhuis in zoals afgebeeld.
3.Naald/stof/garencombinatie is onjuist. 3.Het formaat naald moet bij de stof en het garen passen.
4.Draadspanning is onjuist. 4.Corrigeer de draadspanning.
Naden
trekken
samen of
gaan trekken
1.De naald is te dik voor de stof. 1.Kies een dunnere naald.
2.Steeklengte niet correct ingesteld. 2.Kies een kortere steeklengte.
3.Draadspanning is te hoog. 3.Corrigeer de draadspanning.