Operation Manual
146
Opnamefuncties
4
De functie Shake Reduction is voor zijn functioneren afhankelijk van
informatie over bijvoorbeeld de brandpuntsafstand die door het objectief
wordt doorgegeven.
Als op de camera een objectief DA, DA L, D FA, FA J, FA of F is bevestigd,
wordt die informatie automatisch doorgegeven als de functie Shake Reduction
wordt geactiveerd.
Het scherm voor het instellen van [Inv brandp afstand] wordt weergegeven
als de camera wordt ingeschakeld terwijl de functie [Shake Reduction] is
ingesteld op k (Aan) en er een objectief is bevestigd dat niet automatisch
objectiefinformatie zoals de brandpuntsafstand (p.318) doorgeeft.
Stel de brandpuntsafstand handmatig in op het scherm [Inv brandp afstand].
1
Stel de brandpuntsafstand in met
de vierwegbesturing (45) of de
e-knop op de achterzijde (S).
U kunt kiezen uit de volgende 34 waarden
voor brandpuntsafstand.
(De standaardinstelling is [35].)
De brandpuntsafstand kan niet automatisch worden
gedetecteerd
• Het scherm [Inv brandp afstand] verschijnt niet als u een objectief gebruikt
dat het automatisch doorgeven van objectiefinformatie zoals de
brandpuntsafstand ondersteunt.
• Als u een objectief gebruikt zonder een positie s op de diafragmaring,
of als de diafragmaring is ingesteld op een andere positie dan s, stelt
u [37. Diafragmaring gebruiken] in het menu [A Pers.instelling 6] in op
[Toeget.]. (p.320)
8 101215182024283035
40 45 50 55 65 70 75 85 100 120
135 150 180 200 250 300 350 400 450 500
550 600 700 800
• Als de brandpuntsafstand van uw objectief hierboven niet wordt genoemd,
kiest u de waarde die het dichtst ligt bij de werkelijke brandpuntsafstand
(bijvoorbeeld: [18] voor 17 mm en [100] voor 105 mm).
• Als u een zoomlens gebruikt, kiest u de eigenlijke brandpuntsafstand bij
de zoominstelling op dezelfde manier.
Annul.
MENU
Inv brandp afstand
135
120
100
OK
OK
e_kb474.book Page 146 Wednesday, June 3, 2009 11:21 AM