Operation Manual
98
Opnamefuncties
4
Selecteer het gedeelte van het scherm dat moet worden gebruikt voor
lichtmeting en het bepalen van de belichting. U kunt kiezen uit L (Meervlaks
lichtmeting), M (Lichtmeting met nadruk op het midden) en N (Spotmeting).
De fabrieksinstelling is L (Meervlaks lichtmeting).
Instellen met de schakelaar lichtmeting. (p.19)
Bij meervlaks lichtmeting wordt het beeld
in de zoeker gemeten in 16 verschillende
zones, zoals de afbeelding laat zien. Zelfs bij
opnamen met tegenlicht wordt bij deze functie
automatisch bepaald welk helderheidsniveau
elk gedeelte van het beeld heeft en wordt de
belichting dienovereenkomstig aangepast.
De lichtmeetmethode selecteren
L
Meervlaks
De zoeker wordt verdeeld in 16 delen, elk deel wordt
gemeten en de juiste belichting wordt bepaald.
M
Met nadruk op
het midden
De hele zoeker wordt gemeten met nadruk op het midden,
en de belichting wordt bepaald.
N
Spotmeting
Alleen het middelste deel van de zoeker wordt gemeten,
en de belichting wordt bepaald.
Meervlaks lichtmeting gebruiken
Lichtmeting met nadruk op het midden wordt automatisch ingesteld, zelfs wanneer
u meervlaks lichtmeting selecteert, bij gebruik van een ander objectief dan DA, D FA,
FA J, FA, F of A, of als een diafragmaring anders is ingesteld dan op s. (Zo’n
objectief kan alleen worden gebruikt wanneer dit is toegestaan bij [36. Gebruik diafr.
ring] (p.75) in het menu [A Pers.instelling].)
e_kb442.book Page 98 Tuesday, February 12, 2008 11:13 AM