Operation Manual
45
Voorbereidingen
2
Het objectief bevestigen
Alle belichtingsfuncties van de camera zijn beschikbaar wanneer u gebruik maakt
van DA-, D FA-, FA J-objectieven of andere objectieven met een diafragmastand
s (Auto). Sommige functies zijn beperkt wanneer u het objectief niet instelt op s.
Zie ook “Opmerkingen over [23. Gebruik diafr. ring]” (p.230). Andere objectieven
en accessoires zijn niet beschikbaar bij de standaard fabrieksinstellingen.
Om ontspannen toch mogelijk te maken bij gebruik van een objectief of accessoire
dat hierboven niet wordt genoemd, stelt u [23. Gebruik diafr. ring] in in het menu
[A Pers.instelling]. (p.76)
1
Controleer of de camera is uitgezet.
2
Verwijder de bodydop (1) en de
achterlensdop van het objectief (
2
).
Zet een los objectief altijd met de vatting
omhoog neer om beschadiging van
de objectiefvatting te voorkomen.
3
Zorg dat de richttekens
(de rode puntjes) op de camera
en het objectief tegenover elkaar
liggen. Draai vervolgens het objectief
met de klok mee tot het vastklikt.
Draai het objectief, nadat u het op de body
hebt bevestigd, tegen de klok in om te controleren
of u het goed hebt gemonteerd.
Zet de camera uit alvorens het objectief te bevestigen of te verwijderen om onverwachte
bewegingen van het objectief te voorkomen.
e_kb445.book Page 45 Friday, February 15, 2008 3:35 PM