Operation Manual
175
4
Functiereferentie
2e sluitergordijn-synchronisatie geeft een flits af onmiddellijk voordat het sluitergordijn wordt
gesloten. Bij het maken van opnamen van bewegende voorwerpen bij een lange sluitertijd,
zorgen 2e sluitergordijn-synchronisatie en lange-sluitertijdsynchronisatie voor verschillende
effecten, afhankelijk van het moment waarop de flitser afgaat.
Als u bijvoorbeeld een opname maakt van een auto met 2e sluitergordijn-synchronisatie,
wordt, zolang de sluiter open is, een lichtspoor vastgelegd, terwijl de flits de auto vastlegt
op het moment dat de sluiter wordt ontspannen. Dat levert een opname op met een
lichtspoor.
1 Zet de functiekiezer op een andere stand dan B of M.
2 Druk op de { knop en op de vierwegbesturing (3).
3 Selecteer I en druk twee keer op de knop 4.
4 Druk op de K knop.
5 Maak de opname.
2e sluitergordijn-synchronisatie
2e sluitergordijn-synchronisatie verlengt de sluitertijd. Zet de functie Bewegingsreductie
uit en gebruik een statief om camerabeweging te voorkomen.
Lange-sluitertijdsync 2e sluitergordijn-sync