Operation Manual
196
6
Bijlage
Problemen oplossen
We adviseren u te controleren of u het probleem aan de hand van de volgende tabel kunt
oplossen voordat u contact opneemt met een servicecentrum.
Probleem Oorzaak Oplossing
Camera gaat
niet aan
Batterijen niet
geplaatst
Controleer of de batterijen zijn geplaatst. Is dat niet
het geval, plaats de batterijen dan.
Batterijen zijn niet juist
geplaatst
Controleer of batterijen correct zijn geplaatst.
Plaats batterijen opnieuw volgens de poolaanduidingen
+-
in het batterijcompartiment. (p.25)
Batterij bijna uitgeput
Vervang ze door opgeladen batterijen of gebruik
de netvoedingsadapter. (p.28)
De sluiter ontspant
niet
De diafragmaring van
het objectief staat op een
andere stand dan
s
.
Zet de diafragmaring op positie s (p.139) of
selecteer [Toegestaan] bij [Gebruik diafr. ring]
in het menu [A Pers.inst.] (p.188).
Flitser wordt
opgeladen
Wacht tot het opladen gereed is.
Geen vrije ruimte op
SD-geheugenkaart
Plaats een SD-geheugenkaart met voldoende vrije
ruimte of wis overbodige opnamen.
(p.29, p.79)
Er wordt een opname
gemaakt
Wacht tot opslaan gereed is.
De autofocus
werkt niet
Het onderwerp kan
moeilijk worden
scherpgesteld
De autofocus kan niet goed scherpstellen op
onderwerpen met een laag contrast (lucht, witte
muren), donkere kleuren, ingewikkelde patronen,
onderwerpen die snel bewegen of landschappen die
door een raam of netpatroon worden gefotografeerd.
Stel scherp op een ander onderwerp op dezelfde
afstand (druk de ontspanknop tot halverwege in),
richt vervolgens op het onderwerp en druk de
ontspanknop helemaal in. Gebruik anders de
handmatige scherpstelling. (p.132)
Onderwerp bevindt
zich niet in
scherpstelveld
Plaats onderwerp in scherpstelkader in de zoeker.
Als het onderwerp buiten het scherpstelveld valt,
richt u de camera op het onderwerp en vergrendelt
u de scherpstelling (houd de ontspanknop tot
halverwege ingedrukt). Kader het beeld vervolgens
opnieuw uit en druk de ontspanknop helemaal in.
Onderwerp is te
dichtbij
Neem meer afstand tot het onderwerp en maak een
opname.
Scherpstelfunctie is
ingesteld op \
Zet de scherpstelfunctieknop op =. (p.124)
[Autofocus] in het
menu [A Opname] is
ingesteld op k
(Continu)
Stel [Autofocus] in het menu [A Opname] in op
l (Eén opname) (p.127)
De opnamefunctie is
ingesteld op
\
(Bewegend onderwerp).
Stel de opnamefunctie in op een andere functie
dan \ (Bewegend onderwerp). (p.50)