Operation Manual

Table Of Contents
27
OPNAMEN MAKEN - OPNAMEFUNCTIE
DE BASISBEGINSELEN
1Kijk door de zoeker en richt op het onderwerp.
Het AF-kader midden in de zoeker is het gebied
waarbinnen automatisch op het onderwerp wordt
scherpgesteld. Zorg dat het onderwerp waarop u wilt
scherpstellen, zich binnen het AF-kader bevindt.
Zorg dat het onderwerp zich binnen het horizontale,
lange kader bevindt wanneer het brede AF-kader
is ingesteld, of in het vierkante kader wanneer het
spot AF-kader is ingesteld. Het AF-kader wordt
ingesteld met de AF-kaderknop. blz. 55
Om het onderwerp verder weg te plaatsen, draait u
de zoomring naar links(Wt). Om het onderwerp
dichterbij te brengen, draait u de zoomring naar
rechts (sT).
Deze camera heeft een digitale zoomfunctie, die het
mogelijk maakt het vergrotingsniveau van opnamen uit
te breiden tot 1,2x, 1,5x of 2x wanneer u een opname
maakt via de LCD-monitor.
Zie blz. 50 voor de digitale zoomfunctie.
4
Kijk door de zoeker en richt
op het onderwerp
AF-kader - breed
AF-kader - spot
Toont de beeldenteller.