Operation Manual

Table Of Contents
150
4 Het afdrukken starten
1Plaats de infrarood datazender van de camera
tegenover de infrarood (IR)-poort van de printer.
2Druk op de linker soft-toets om [Send] (verzenden) te
selecteren.
Het bericht [Connecting...] (verbinding maken)
verschijnt op de LCD-monitor van de camera.
Het bericht [Connecting...] verschijnt op het LCD
(Liquid Crystal Display) van de printer. Als de
verbinding tot stand is gebracht, verschijnt de melding
Select [Print] or [Save].
3Druk op de knop [Print] (afdrukken) van de printer.
4Geef een papiertype en een papierformaat op als het
betreffende bericht op de LCD-monitor verschijnt.
Raadpleeg de handleiding bij de printer aangaande
het verrichten van deze instellingen.
5Nadat de printerconfiguratie is ingesteld, richt u de IR-
datazender van de camera opnieuw op de IR-poort
van de printer en drukt u op de knop [OK/YES].
Het bericht [Printing] (bezig met afdrukken) verschijnt
en het afdrukken begint.
Plaats de camera en de printer precies tegenover
elkaar.
Plaats de zender van de camera en de ontvanger
van de printer dicht bij en tegenover elkaar.
Infrarood datazender.
Infrarood(IR)-poort
binnen straal van 50 cm