Operation Manual
132
5
Functiereferentie
Naast de Picture-functies heeft deze camera vijf belichtingsfuncties.
Gebruik de functiekiezer (blz. 104) om de belichtingsfunctie te wijzigen.
De belichtingsfunctie wijzigen
Belichtingsfunctie Beschrijving
Belichtings-
correctie
Sluitertijd
wijzigen
Diafragma
wijzigen
e (Programma)
De sluitertijd en de diafragmawaarde
worden automatisch ingesteld voor
het maken van opnamen met de juiste
belichting.
Ja Nee Nee
b
(Sluitertijdvoorkeuze)
Stel de sluitertijd in voor opnamen van
bewegende onderwerpen. Maak
opnamen van snelbewegende
onderwerpen die lijken stil te staan of
onderwerpen die lijken te bewegen.
Ja Ja Nee
c
(Diafragmavoorkeuze)
Stel het diafragma in en gebruik de
diafragmavoorkeuze als u de
scherpte diepte wilt aanpassen. Zo
kunt u instellen dat de achtergrond
onscherp wordt of dat de hele
opname van voor tot achter scherp is.
Ja Nee Ja
a (Handmatig)
Combineer de ingestelde sluitertijd en
het diafragma om precies die opname
te maken die u in gedachten had.
Nee Ja Ja
p (Tijdopname)
Hiermee maakt u opnamen waarvoor
lange sluitertijden nodig zijn, zoals
vuurwerk en nachtopnamen.
Nee Nee Ja
Meettijd instellen
Stel de meettijd in bij [Bedrijftijd lichtmtr] in het menu [A Pers. inst.] (blz. 100).
De standaardinstelling is [1 (10 sec)].
1
10sec Meettijd is ingesteld op 10 seconden.
2
3 s Meettijd is ingesteld op 3 seconden.
3
30sec Meettijd is ingesteld op 30 seconden.