Quick Start Guide
4
1 E-knop (V)
Stelt de sluitertijd, het diafragma en de belichtings-
compensatie in. (p.28)
U kunt de camera-instellingen wijzigen wanneer
het bedieningspaneel panel wordt getoond. (p.8)
U kunt andere menutabs kiezen wanneer een menuscherm
wordt getoond. (p.9)
Gebruik in de weergavestand deze knop om een opname
te vergroten of meerdere opnamen tegelijkertijd weer
te geven.
2 Functiekiezer
Hiermee wordt de opnamestand gewijzigd. (p.24)
3 Ontspanknop
Druk deze knop in om opnamen te maken. (p.25)
Druk deze knop tijdens de weergavestand half in om over
te gaan naar de opnamestand.
4 Snelkeuzewiel
U kunt functies gemakkelijk terughalen, bijvoorbeeld
functies die zijn toegewezen met Smart effect. (p.29)
5 Ontgrendelknop voor objectief
Druk deze knop in om het objectief op de camera
te verwijderen. (p.20)
6 Weergaveknop (3)
Schakelt over naar de weergavestand. (p.30) Druk de knop
opnieuw in om over te gaan naar de opnamestand.
7 Uitklapschakelaar flitser
Verschuif deze schakelaar om de ingebouwde flitser uit
te klappen.
8 Aan/uit-knop
Druk deze knop in om de camera in of uit te schakelen.
Bedieningselementen
8
9
0
a
b
c
d
4
7
5
2
6
1
3
QS1-SG-NL.book Page 4 Tuesday, August 12, 2014 5:23 PM










