Operation Manual

131
5
Opnamen bewerken en afdrukken
Met deze functie kunt u kleurtinten aanpassen en speciale bewerkingen
uitvoeren op een geselecteerde opname.
1
Activeer de stand Q en kies met de vierwegbesturing
(45) de opname die u wilt bewerken.
2
Druk op de vierwegbesturing (3).
Het weergavepalet verschijnt.
3
Selecteer P (Digitaal filter) met
de vierwegbesturing (2345).
4
Druk op de 4-knop.
Het scherm voor selectie van een digitaal
filter verschijnt.
1 Zwart-witfilter
2 Sepiafilter
3 Kleurfilter
4 Fish-eye filter
5 Sterrenfilter
6 Helderheidsfilter
De digitale filters gebruiken
Zwart-witfilter
De opname wordt bewerkt met het zwart-witfilter.
Sepiafilter
De opname wordt bewerkt met het sepiafilter.
Kleurfilter
De opname wordt bewerkt met het geselecteerde kleurfilter. U kunt
kiezen uit zes filters: rood, roze, paars, blauw, groen en geel.
Fish-eye filter
Maakt een foto die lijkt alsof de foto gemaakt is door een
Fish-eye lens.
Sterrenfilter
Verwerkt het beeld van nachtscènes of licht dat weerspiegeld
wordt op water met een speciale sprankeling door effecten toe te
voegen aan de lichte punten van de afbeelding. U kunt kiezen uit
drie filters: Kruis, Hart en Ster.
Helderheidsfilter
De helderheid van de opname aanpassen.
OK
O K
OK
MENU
S top
Stop
Digitale filters toepassen
op opnamen, bijv. kleuren-
of helderheidsfilter
D igita a l f ilter
Digitaal filter
OK
OK
O K
MENU
S top
Stop OK
123456