Operation Manual
78
4
Opnamen maken
R A C Y q < I i \ E P D >
U kunt de gevoeligheid selecteren op basis van het omgevingslicht.
Gevoeligheid
1 Druk in de stand A op de knop 3.
Het menu [A Opnemen] verschijnt.
2 Selecteer [Gevoeligheid] met de vierwegbesturing (23).
3 Druk op de vierwegbesturing (5).
Er verschijnt een afrolmenu.
4 Wijzig de gevoeligheid
met de vierwegbesturing (23).
5 Druk op de knop 4.
De instelling voor de gevoeligheid wordt opgeslagen.
6 Druk op de MENU-knop.
De camera gaat terug naar de opnamestand met de huidige instelling.
De gevoeligheid instellen
Automatisch De gevoeligheid wordt automatisch ingesteld tussen 80 en 320.
80
• Bij een lagere gevoeligheid wordt de opname scherper met minder ruis.
Bij weinig licht wordt de sluitertijd langer.
• Bij een hogere gevoeligheid is er een relatief korte sluitertijd bij slechte
lichtomstandigheden, zodat bewegingen van de camera een beperkte
invloed op de opnamekwaliteit hebben. Opnamen kunnen echter
wel ruis (vlekken) bevatten.
160
320
400
De gevoeligheid wordt ingesteld op 80 indien de opnamefunctie is ingesteld
op y. Andere waarden kunnen niet worden ingesteld.
De gevoeligheid opslaan 1blz.84
Opnemen
MENU
Exit
Exit
Einde
1/3
7
M
Opnamepixels
Kwaliteitsniveau
Witbalans
AF-veld
Gevoeligheid
AWB
ISO
AUTO
MENU
1, 6
2, 3, 4
5
MENU
1/3
7
M
AWB
ISO
AUTO
Opnamepixels
Kwaliteitsniveau
Witbalans
AF-veld
Gevoeligheid
OK
OK
OK
Opnemen
Stop
Auto
320
160
80
400
OK










