Operation Manual

74
4
Opnamen maken
R A q < I i \ E P y D >
U kunt de kwaliteit (de compressiefactor) van foto’s selecteren.
Hoe meer sterren, des te lager de compressiefactor en des te scherper de opname,
maar het bestand wordt groter. Ook de instelling van de opnamepixels heeft invloed
op de bestandsgrootte (blz.72).
Kwaliteitsniveau
1 Druk in de stand A op de knop 3.
Het menu [A Opnemen] verschijnt.
2
Selecteer [Kwaliteitsniveau] met de vierwegbesturing (
23
).
3 Druk op de vierwegbesturing (5).
Er verschijnt een afrolmenu.
4 Wijzig het kwaliteitsniveau
met de vierwegbesturing (23).
5 Druk op de knop 4.
De instelling van Kwaliteitsniveau wordt opgeslagen.
6 Druk op de knop 3.
De camera gaat terug naar de opnamestand met de huidige instelling.
Het kwaliteitsniveau selecteren
C
Best Laagste compressiefactor. Geschikt voor fotoafdrukken.
D
Beter
Standaard compressiefactor. Geschikt voor weergave van opnamen
op het beeldscherm van een computer.
E
Goed
Hoogste compressiefactor. Geschikt voor plaatsing op een website
of om als bijlage bij e-mailberichten te gebruiken.
Als de opnamemodus ingesteld is op D dan wordt het kwaliteitsniveau
ingesteld op Y.
Opnamepixels en kwaliteitsniveau van foto’s 1blz.27
MENU
Opnemen
MENU
Exit
Exit
Einde
1/3
7
M
Opnamepixels
Kwaliteitsniveau
Witbalans
AF-veld
Gevoeligheid
AWB
ISO
AUTO
1, 6
2, 3, 4
5
Opnamepixels
Kwaliteitsniveau
Witbalans
Gevoeligheid
Opnemen
Cancel
Canc el
Stop
MENU OK
OK
OK
OK
1/3
7
M
AWB
ISO
AUTO
AF-veld