Operation Manual
95
Opnamefuncties
4
U kunt de gevoeligheid instellen op basis van het omgevingslicht.
De gevoeligheid kan worden ingesteld op [AUTO] of tussen ISO 200
en 6400. De standaardinstelling is [AUTO].
1
Druk in de opnamestand op de vierwegbesturing (5).
Het scherm [Gevoeligheid] wordt weergegeven.
Gevoeligheid instellen
Diafragma en Scherptediepte
De volgende tabel laat zien hoe de instelling voor diafragma
van invloed is op de scherptediepte.
De scherptediepte is ook afhankelijk van het gebruikte objectief
en de afstand tot het onderwerp.
• De scherptediepte van de a is afhankelijk van het objectief.
Maar vergeleken met een kleinbeeldcamera kunt u ongeveer één
diafragmawaarde lager gebruiken (het scherpstelbereik wordt
kleiner).
• Hoe korter de brandpuntsafstand en hoe verder weg het
onderwerp is, hoe groter de scherptediepte (sommige
zoomobjectieven hebben geen schaal voor de scherptediepte
vanwege hun bouwwijze).
Diafragma
Open
(kleinere
waarde)
Dicht
(grotere waarde)
Scherptediepte Klein Groot
Scherptegebied Smal Groothoek
Brandpuntsafstand
objectief
Langer (Tele-
opname)
Korter
(Groothoek)
Afstand tot
onderwerp
Dichtbij Veraf
K-x_OPM.book Page 95 Thursday, September 24, 2009 2:25 PM










