Operation Manual
9
De
aftasters van
de
kaartlezer
Wanneer
de kaartlezer leeg
is, hebben
deze aftasters
twee
standen.
Positie
A: Alle
aftasters raken
de
markeringsstrip.
ln
deze
positie
wordt
de
ponskaart
ingelegd
Positie
B:
(ruststand):
Alle
aftasters
raken
de voor-
kant van
de
gleuf
.
In
deze
positie
wordt
er zonder automatische
patronen
gebreid.
Bij het
breien met
de
ponskaart,
staan de aftasters al
naar
gelang
de
gaatjes
in
de
ponskaart
in
positie
AofB.
(Positie
A
-
geen gaatjes
van de
ponskaart)
(Positie
3
:
gaatjes
van
de
ponskaart)
IIITITIII
lrlltlrll
IIIII
IIIIT
lrtr
lltt
Aanhangen
uan
de
kaafiluet
-
De
kaartlezer met
de
tanden die zich
links
en
rechts
achter de
markeringsstrip
bevinden
van
boven in
de tandrail
hangen, zodat de zwarte
pijl
tegenover één van de
gemarkeerde
bruggetjes
van
de tandrail
staat.
-
De kaartlezer
naar achteren drukken tot
hii
vergrendelt.
Om
de
kaartlezer weg te nemen
de beide
veÍgren-
delde
pallen
naar
boven drukken, de
kaartlezer
aan
de onderkant naar voren
draaien en dan
naar
boven
uit
de tandrail tillen.
ilM!!l|ilt!
Breien zonder
automatische
patronen
=
ruststand
Ook wanneer de
kaartlezer en de selektor aan de
brei-
machine vastzitten, kan er
zonder
patronen gebreid
worden met de volgende
instelling:
-Selektorschiif
..O'r
-AÍtasters
van de kaartlezer
in Positie B.
Wanneer
deze
niet in Positie B
staan,
de blokkeer-
knop naar voren drukken.
Kaartlezer en selektor
moeten
altijd
in
ruststand
gebracht
worden, wan-
neer ze niet
gebruikt
worden.
25










