Operating Instructions

Basisaansluitingen
8
Voorbeeld 3
DVD-/videorecorder en set-top box aansluiten
TV, DVD-/videorecorder en set-top box
RF IN
RF OUT
Achterzijde van TV
Aardse antenne
N etsnoer
220-240 V
wisselstroom
50/60 Hz
V olledig bedrade
HDMI-compatibele
kabel
V olledig
bedrade
SCART-kabel
V olledig
bedrade
SCART-kabel
Set-top box
DVD- of
videorecorder
RF-kabel
RF-kabel
Kabel
De netwerkomgeving aansluiten (Netwerkverbindingen)
Om van de netwerkservicefuncties gebruik te maken (VIERA Connect, enz.), dient u de TV op een breedband
netwerkomgeving aan te sluiten.
R aadpleeg uw leverancier voor hulp als u geen breedband netwerkservices hebt.
V erbind met LAN-kabel (bekabelde verbinding) of Draadloze LAN-adapter (draadloze verbinding).
H et instellen van de netwerkverbinding start na het afstemmen (bij het eerste gebruik van de TV) (p. 10 - 12)
I nternet
omgeving
I nternet
omgeving
Bekabelde verbinding
Draadloze verbinding
T oegangspunt
LAN-kabel (afgeschermd)
G ebruik de Shielded Twist Pair (STP) LAN-kabel.
Draadloze LAN-adapter en verlengkabel
Sluit aan op USB-poort 1, 2 of 3.
Achterzijde van TV
Opmerking
3D-inhoud weergeven (p. 14)
Sluit een DVD-recorder/videorecorder met Q-Link-ondersteuning (p.) aan op AV1 van de TV.
E en HDMI-compatibel apparaat kan via een HDMI-kabel worden aangesloten op HDMI-aansluitingen (HDMI1 / HDMI2 /
HDMI3 / HDMI4).
L ees ook de handleiding van het apparaat dat moet worden aangesloten.
H oud de TV uit de nabijheid van elektronische apparatuur (videoapparatuur, enz.) of apparatuur met een infraroodsensor.
Anders kan zich vervorming van beeld / geluid voordoen of het bedienen van andere apparatuur kan worden verstoord.