Operating instructions
46
VQT2N77
Opnemen
Opnemen (Basis)
5
AF/AE-volgen
≥
Open de lensdop voordat u de stroom inschakelt. (
l
10)
Het is mogelijk om de scherpte en de belichting op het vergrendelde doel in te stellen.
De scherpstelling en belichting blijven het onderwerp volgen wanneer dit beweegt (dynamisch volgen).
¬ Zet de functie op .
1
Druk op de AF/AE toets
≥
Wanneer intelligent auto mode ingesteld is op
(Portret), zal het (oranje) gezichtskader dat
voorrang krijgt veranderen naar het doelkader en
zal het gezicht van het onderwerp gevolgd worden.
2
Lijn het onderwerp uit ten opzichte
van het doelkader en druk op de AF/
AE toets om het doel te vergrendelen.
A
Doelkader
≥
Om het doel te veranderen, drukt u op de AF/
AE toets en lijnt u het doelframe uit met het
nieuwe onderwerp en drukt u vervolgens weer
op de AF/AE toets.
3
Begin met opnemen.
≥
Door de AF/AE knop ingedrukt te houden
wordt AF/AE-volgen ingeschakeld.
∫
Over het doelkader
≥
Indien men er niet in slaagt het doel te
vergrendelen, zal het doelkader rood knipperen en
vervolgens verdwijnen. Lijn het onderwerp opnieuw
uit ten opzichte van het doelkader en druk op de AF/
AE toets om het doel opnieuw te vergrendelen.
≥
Het is mogelijk dat een ander onderwerp wordt
gevolgd of het doel niet wordt vergrendeld
afhankelijk van de opnameomstandigheden, zoals:
j
Als het onderwerp te groot of te klein is
j
Als de kleur van het onderwerp op de
achtergrond lijkt
j
Als de scène onvoldoende belicht is
≥
AF/AE-volgen wordt in de volgende gevallen
geannuleerd:
j
Als de functie wordt veranderd
j
Als het toestel wordt uitgeschakeld
j
Als de scènefunctie wordt ingesteld
j
Als het toestel op de Intelligent auto mode/
handmatige werking gezet wordt
j
Wanneer het toestel geschakeld staat op face-to-
face opname
AF/AE










