Operating instructions

Instructies Voor de Gebruiker
11
PROGRAMMA
NUMMER EN
SYMBOOL
LADEN VAN VAAT EN
BESTEK
AFWIKKELING
PROGRAMMA’S
DUUR VERBRUIK
MINUUT
(1)
WATER
LITER
ENERGIE
kWh (1)
1 WEKEN
Pannen en vaatwerk in
afwachting van de
voltooing van de belading.
Koud voorwassen
15 3,5 0,02
2 SNEL
Licht vervuilde vaat die
onmiddellijk na het
gebruik gewassen wordt.
Wassen op 38°C
Spoelen op 50°C
27
6,5 0,70
3 LICHT
Delicate, licht vervuilde
vaat.
Wassen op 45°C
Koud spoelen
Spoelen op 70°C
Drogen
65
9,5 1,10
4 ECO (*)
EN 50242
Normaal vervuilde vaat,
die onmiddellijk na het
gebruik gewassen wordt.
Wassen op 45°C
Koud spoelen
Spoelen op 55°C
Drogen
**
** **
5
AUTO 60-70
IEC/DIN ***
Normaal vervuilde pannen
en vaat, ook met
opgedroogde resten.
Wanneer u het programma “AUTO selecteert, zal de
vaatwasser het type vervuiling herkennen en de
wasparameters automatisch aanpassen.
6
INTENSIEF
****
Zeer vervuilde pannen en
vaat, ook met
opgedroogde resten.
Heet voorwassen
Wassen op 70°C
2 koude spoelbeurten
Spoelen op 70°C
Drogen
135
15,5 1,60
De wascyclus zal niet worden gestart als de deur van de vaatwasser niet
of niet op de juiste manier gesloten is.
OPMERKINGEN EN VERWIJZINGEN
I
Gebruik het weken uitsluitend bij een gedeeltelijke belading.
De opties kunnen niet met het weken programma worden gebruikt.
De ENERGY SAVE optie kan niet worden gebruikt met de weken- en alle andere
programma’s waarbij op het eind geen droogcyclus is voorzien.
* Standaard wasprogramma volgens de EN 50242 norm. Indien aanwezig moet de
ENERGY SAVE optie geselecteerd worden.
** Zie bijgevoegd blad
*** Referentieprogramma IEC/DIN. Indien aanwezig moet de ENERGY SAVE optie
geselecteerd worden.
**** Referentieprogramma voor de laboratoria. Wasmiddel: 20g in het doseerbakje + 10g
op de deur of als tablet. Indeling: zie de foto in de paragraaf “gebruik van de manden.
(1) De duur van de cyclus en het energieverbruik kunnen varëren afhankelijk van de
temperatuur van het water en de omgeving en van het type en de hoeveelheid vaat.