Operating Instructions
3-14 Programmering voor de gebruiker (Programmering voor de systeembeheerder)
Beschrijving In Programma [003] “Instellen Toestelnaam” krijgt elk toestelnummer een
toestelnaam.
Selectie • Plugnummer:KX-TD816 — 01 tot 16 (-1 / -2)
KX-TD1232 — 01 tot 64 (-1 / -2)
(-1 = eerste toewijzing, -2 = tweede toewijzing)
• Toestelnaam: maximaal 10 cijfers
Standaardinstelling Alle pluggen — niet bewaard
Programmeren 1. Voer 004 in.
Display EXT Name Set
2. Druk op VOLG.
Display: Jack NO? ->
3. Voer een Plugnummer in.
Om Plugnummer 01 in te voeren zou u ook op VOLG kunnen drukken.
Druk op VOLG nadat u de plugnummer ingevoerd heeft om de tweede
toewijzing (-2) te selecteren.
Voorbeeld op display: #01-1: Niet bewaard
4. Voer het toestelnaam in.
Druk op CLEAR en voer het nieuwe naam in om de actuele invoer te wissen.
Druk op CLEAR en voer de nieuwe naam in om de actuele invoer te wijzigen.
5. Druk op OPSLAG.
6. Druk op VOLG of VORIG of SELECT en het gewenste Plugnummer om
een andere plug te programmeren.
7. Herhaal stappen 4–6.
8. Druk op END.
Voorwaarden • Op de KX-TD816 kunt u maximaal 32 toestelnamen invoeren. Op de KX-
TD1232 kunt u maximaal 128 toestelnamen invoeren. Elk toestelnummer
mag uit maximaal 10 karakters bestaan.
• Programma [003] “Instellen toestelnummer”wordt gebruikt om
Toestelnummers toe te wijzen.
• Bij de KX-TD1232 zijn plugnummers 01 tot 32 voor het hoofdsysteem en
33 tot 64 voor het bijsysteem (als dit beschikbaar is).
• Voor een uitvoeriger verklaring van de plugnummers, zie “Rotatie van
plugnummers” op pagina 3-5.
3.2 Programmering voor de gebruiker (Programmering voor de
systeembeheerder) Instellen Toestelnaam
004










