Operating Instructions

5.2 Functies DSS-Console
5-6 Functies DSS-Console
Toegang tot systeemfuncties met ÉÉN-DRUK-toets
U kunt de PF-toetsen ook gebruiken voor systeemfuncties.
Programmeren
— Controleer of u in de modus Toestelprogrammering bent: Druk op [PROGRAM] [9] [9].
1. Druk op de gewenste PF-toets.
2. Kies 2.
3. Toets het gewenste functienummer in.
<Voorbeeld>
Als u “Oproepen-alle toestellen” wilt programmeren, kies dan 630.
Als u het verkeerde functienummer intoetst, druk dan op de WIS
(S2)-toets of druk op de DVB (CLEAR)-toets, en toets het
correcte nummer in.
4. Druk op de OPSLAG-toets van het combi-toestel.
Herhaal de stappen 1 t/m 4 om de andere PF-toetsen te
programmeren.
— Verlaten van de modus Toestelprogrammering: druk op [PROGRAM] of neem de hoorn op.
Kiezen
1. Neem de hoorn op of druk op de HANDENVRIJ/MONITOR-
toets van het combi-toestel.
2. Druk op de gewenste PF-toets.
Een fout corrigeren tijdens het programmeren
1. Druk op de WIS (S2)-toets of op de DVB (CLEAR)-toets van het
combi-toestel, en programmeer de correcte gegevens.
1
3
functienummer
4
2
1
2
1
2
...
S 1
S 2
S 3
WIS
of